Flevoland

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Koeien, het symbool van Flevoland.

Flevoland is een verzamelterm voor een aantal uit de zee (ja, een zee) getoverde stukken moeras met veel palen in de grond, een berg van twee kilometer hoog en veel koeien (en wat graan...), dat tezamen de Twaalfde, of Laatste Nederlandse Provincie vormt (omdat Flevoland er ook als laatste bijkwam). Ooit drooggelegd door koeien alles op te laten drinken, met behulp van Moos Leeghloper in opdracht van Sam (Cornelis) Lely, om tegen het Ruimtegebrek van Nederland tegen te gaan.

Ontstaan[bewerken]

Flevoland ontstond uit het gedachtegoed van des Heeren een wijs man genaamd God Sam (Cornelis) Lely. Een man met een plan die een ingenieur was en toentertijd Raadgever der Nederlanden en Minister van Waterstaat, Bootjes, Koekjes, Handel en Nijverheid. Hij zag dat er, door de Wederkomst van de Pest Voorspoedige Groei en Ontwikkeling van Nederland, sprake zou zijn van een ernstig toekomstig ruimtegebrek. Hij vroeg tijd om na te denken, en na deze tijd van nadenken kwam hij met deze mogelijkheden, wat er met Nederland zou moeten gebeuren:

  • Alle economische vooruitgang die nog zou volgen, dumpen in Drenthe.
  • Alles op een zooi proppen en hopen dat alles goed komt (desnoods alles dumpen in Drenthe).
  • Stoppen met groeien (economisch) en Nederland verkopen aan Duitsland.
  • Nieuw land erbij maken, gewoon, omdat het kan.
Daar.

De eerste mogelijkheid, alles dumpen in Drenthe leek een rendabele mogelijkheid, maar bij nader inzien was Drenthe nu eenmaal een godvergeten gat, net als Groningen en Friesland. Hierdoor bleek Drenthe onrendabel, en was de optie een onzinnig idee. Het gehele parlement achtervolgde Lely nog jaren met de vraag hoe hij als welgerespecteerd ingenieur in hemelsnaam op het idee kwam om de economische vooruitgang te laten afhangen op Drenthe.

De tweede mogelijkheid zou goed kunnen, aldus de Nederlandse regering, maar dat betekende dat als Nederland dan op een gegeven moment vol raakte, alles dat dáárna gebouwd zou worden, dan alsnog in Drenthe gebouwd zou moeten worden. Dat kon uiteraard gewoon niet de bedoeling zijn.

De derde optie, om te stoppen met groeien en Nederland te verkopen voor het symbolische bedrag van 16.000.000.000 gulden 1 Duitse Mark aan Duitsland, was de best mogelijke optie, omdat het meer voordelen kende dan nadelen, waarbij 87% van de voordelen erbij werd verzonnen vermeld door Duitsland zelf. Toch ging het plan onverhoopt niet door, omdat de Nederlanders het feit dat zij Duits moesten gaan spreken in de toekomst, een grote krop in de keel vonden in de onderhandelingen, wat de Duitsers als een verplicht deel zagen. Ook wilde Nederland zijn onafhankelijkheid niet opgeven. Het doorslaggevende punt bleek echter de komst van de Bratwurst op het Nederlandse menu, in plaats van de Kaas. Dit kon men echt niet hebben, hoewel de Duitsers nog tevergeefs probeerden de Nederlanders te overtuigen dat beide landen (nu nog wel) ook graag een Biertje lusten.

Er was zodoende nog maar één optie over: er moest meer land bij.

Maar hoe?


Wel, men kon een Afsluitdijk bouwen in 1932, van Noord-Holland naar Friesland, dus waarom dan maar niet de rest van dat water maar op te laten zuigen en er land van maken? Het Grote Plan was daar:
  • De Wieringermeerpolder bij Noord-Holland, gaan de arbeiders helemaal droogleggen.
  • De Noordoostpolder, waarna men een stad aldaar Emmeloord zou noemen (omdat het nu eenmaal zo idioot is), gaan enkele werkloze werkverschaffenden in opdracht van overheid helemaal droogleggen.
  • Flevoland (Oost- en Zuid-) gaat ook volgepompt worden. Dit artikel gaat immers over Flevoland...
  • De Markermeerpolder (Markerwaard), omdat het water dat daar overblijft toch nutteloos is, zal ook worden volgepompt.
  • De rest van het Zuiderzee zal worden volgepompt.
  • De Maasvlakte zou ook vol worden gepompt. Echter, de Maasvlakte ligt niet in de buurt van Flevoland - integendeel, het ligt naast Rotterdam, dus zal er in dit artikel nauwelijks aandacht aan worden besteed. Zeker omdat de Maasvlakte pas na de jaren 80' nodig bleek te zijn, zeker een halve eeuw later.
  • Het Marsdiep is de stroom tussen Den Helder en Texel. Dit is echter noch Flevoland, noch Lely, noch een ooit uitgevoerd of besproken plan.
  • Al het andere water van Nederland, inclusief de Waddenzee gaat ook weg, want voor die zielige zeehondjes hebben we immers het Dolfinarium waar zij terecht kunnen. Ook is het mogelijk met de technologie anno nu om een kunstmatig opkomende zandbank te laten verschijnen (Nederland had al de zandmotor, een zelf-aanleggend stuk strand). Echter, deze plannen stammen af uit 1918, het jaar waarin noch het dolfinarium, noch de technologie anno nu waarmee dat zou kunnen, simpelweg niet bestonden.

Alle ideeën zijn na een grondige herziening uit 2003 uiteindelijk bestempeld als ridicuul, omdat er geen polders vielen droog te leggen. Ten eerste, dit kan niet eens, omdat polders al zijn drooggelegd zijn en ten tweede, er waren toen nog helemaal geen polders in het algemeen.

Men besloot uiteindelijk maar om alleen de Wieringermeer (niet het) droog te leggen, en de Noordoostpolder en de gehele Flevopolder uit de zee het IJsselmeer te toveren (die overigens ook niet drooggelegd werd), terwijl Markerwaard er nooit kwam omdat de toenmalige regering na het tevoorschijn toveren van de Noordoost-, Flevo- en Wieringermeerpolder geen zin meer had om nog meer land tevoorschijn te toveren (zie de paragraaf over Lelystad) en Amsterdam dan een beetje boos zou worden omdat er geen boten dan meer door zouden kunnen.

Noordoostpolder en de Urk-crisis[bewerken]

Het polderen van de Noordoostpolder zou tot 1942 duren, maar er moest eerst iets gebeuren om een begin te maken. Het plan was om eerst een dijk te leggen van het vasteland naar Urk, maar Urk werd vervelend. Urk was een eiland, en dat wilde een eiland blijven. Toch werd de dijk gebouwd. Reeksen van beraadslagingen, waarbij voor het eerst het principe van het poldermodel (afkomstig van de theorieën van Fah Tsun) werden toegepast. Het leidde tot niets, en de regering bleef intussen vrolijk doorbaggeren. De dijk bereikte Urk en er volgde een veldslag rondom zee tussen de inwoners van Urk (eilanders) en de dijkbouwers (dijkers), waarbij de eilanders met hun vissersboten de dijkers verhinderden om op land te komen. De eilanders hadden hun massale aantallen aan vissersboten, maar dijkers hadden een geheim wapen: koeien. Koeien waren noodzakelijk om de polders te laten ontstaan, omdat die al het water op moesten zuigen, naast de welbekende windmolens die als gemaal dienden. Toen de strijd volop aan de gang was, leken de eilanders te gaan winnen, maar opeens kwam er een bijzonder soort volk opzetten: rellend plebs uit Amsterdam (pleiners), dat al eerder in 1917 tijdens de Pieperpleuris-die-uitbreekt (Aardappeloproer) voor onrust had gezorgd. Zij naderden Urk vanuit zuiden, om uiteindelijk niet veel meer te doen dan schreeuwen en de situatie oplaaien. Toch voelde Urk zich nu aan twee kanten bedreigd. Toen het leger er aan te pas moest komen om de pleiners massaal op te pakken (en met scherp neer te schieten) omdat zij de orde verstoorden en zich illegaal op het water bevonden met hun bootjes (geen vaarvergunning, openbare dronkenschap en snelheidsovertredingen) was het feest voor de pleiners over, terwijl het festijn tussen de dijkers en de intussen ernstig verwarde en verzwakte eilanders nog doorging. Uiteindelijk werd de strijd gewonnen door de dijkers en de polder werd geschapen, met als middelpunt Emmeloord. Urk was geen eiland meer en de eilanders stierven bijna uit. Soort van.

Emmeloord had als grote plan om uit te groeien tot een grote metropool, als één groot zelfvoorzienend gat met een reeks omringende dorpen, die zouden functioneren als bronnen van forenzen die dan allemaal in het midden van het "dorpenweb" (Emmeloord dus) terecht konden voor hun werk. Dit plan faalde echter enorm omdat men in de dorpjes bleef werken als bakker, slager en andere vormen van het boerderijleven, waardoor uiteindelijk het aantal mensen dat in Emmeloord een baan had exponentieel daalde, tot het moment dat Emmeloord uitgroeide uitkromp tot één van die vele stadjes in het midden des lands.

Heden ten dage is het stil op de Noordoostpolder.

Intussen: de Duitsers komen langs[bewerken]

Het grootste plan van Lely, namelijk het laten verschijnen van de Flevopolder, kwam vele jaren later dan gepland, want de Duitsers waren het niet eens met de beslissing van Nederland om Nederland niet te verkopen aan Duitsland voor één Duitse Mark (ook al was het voor hen een schrikbarend hoog bedrag sinds de ineenstorting van de economie van de toenmalige Weimarrepubliek (met dáárvoor de Eerste Wereldoorlog met zijn Vrede van Versailles)). Nederland ging in discussie met de Duitsers, waardoor het plan ernstig begon te vertragen. Er zou niets gebeuren, maar Nederland had daar lak aan en begon met het droogleggen van de Noordoostpolder. De Duitsers waren nijdig en zeker toen Adolf Hitler aan de macht kwam, nam hij als Reichskanzler ook van dit plan kennis waarbij besloot (nadat hij de kans op lebensraum in het oosten zag stagneren) om zelf maar Nederland een handje te helpen met het kiezen van de Juiste Beslissing op het gebied van "het verkopen aan Duitsland". Hij viel Nederland binnen, en die ene Duitse Mark konnte in eurem Arsch eingesetzt werden. Na vijf jaar kwam echter een einde aan de Duitse bezetting, en werd Duitsland echter geforceerd na de oorlog om deze ene Mark alsnog te betalen, met een 10000% rente aan emotionele schade vanwege het einsetzen von dieser Mark in unserem Rektum en de overige kleinigheden zoals het bombarderen van Rotterdam en dergelijke. Het uiteindelijk te betalen bedrag werd 100 Duitse mark, dat Duitsland vele jaren in beslag liet nemen om te betalen, in verband met eigen problemen.

Flevoland zelf[bewerken]

Moos Leeghloper, de legende.

Intussen was Urk nog steeds niet boven het trauma heen van de Urk-crisis, en Urk besloot, met de vazallengemeente Emmeloord en Omstreken om over te lopen naar Overijssel en het plan van Flevoland te verlaten. Ook schoot de poldering van Flevoland voor geen donder op. De koeien hadden geen dorst meer en dat ging sowieso al verdomd traag. Twee slechte dompers voor het plan van Lely, maar daar kwamen wel twee goede dompers voor tegenover: Lely riep de hulp in van het stamhoofd van de zeenegers: Moos Leeghloper. Samen met hem vormde hij in 1955 het Alomvattende Lichaam Zuidelijke IJsselmeerpolder Kavels (AL-ZIJK) en sindsdien ging het hard. Oostelijk Flevoland was drooggelegd in 1957, waarna Oostelijk Flevoland wat langer op zich liet wachten door een lang ziektebed van Moos: pas in 1968, want in deze tijd was er sprake van een griep-epidemie (influenza) die ook oversloeg op de koeien (en op Moos zodoende), die de polders mogelijk maakten. Men moest zich beroepen op de windmolens, maar aangezien enkele prominente windmolens zoals in Kinderdijk (Zuid-Holland) niet bepaald naast de deur lagen, en men na één poging om één lange slang te creëren die al het water liet afvoeren naar de Biesbosch (hier komt tevens de grote zoetwatervoorraad vandaan) dit als nogal omslachtig, te geldverslindend en tijdrovend bevond, besloot men om de molens maar dáár te bouwen, zodat alles sneller ging. De AL-ZIJK-sjeik verklaarde de provincie Flevoland in 1986 voor geopend en Urk en Emmeloord werden terug geconfisqueerd na een kort proces. Een jaar daarvoor werden Almere en Lelystad nog gevormd, met Lelystad als hoofdstad.

Flevoland na opening[bewerken]

Flevoland was direct een bron van ideeën en grootse plannen. De Noordoostpolder had echter gefaald en half Nederland (vooral Overijssel) begreep niet waarom Emmeloord en Urk weer "terug" in Flevoland terecht kwamen. Het was gebeurd, maar zo'n faal als de Noordoostpolder wilde men vooral niet hebben, en er werd besloten om twee grote steden te creëren, Almere en Flevoland. Daaromheen kwamen wat dorpjes met vooral weilanden, waar de koeien die voor de inpoldering werden geïmporteerd verder konden leven in plaats van direct afgemaakt te worden (de milieuactivisten waren hier met name op tegen). Ook kwam er een apart "terug aan de zee gegeven" gebied, genaamd de Oostvaardersplassen. Almere groeide al aardig omdat het nog wel relatief in de buurt van Amsterdam lag.

Almere werd langzaam gematigd groot, Lelystad bleef dood, en de rest van Flevoland ook. Toch was er één gemeente in Flevoland, genaamd Dronten die opeens een magneet voor toeristen werd: want de gemeente aldaar vond het een uitstekend plan om een bedevaartsoord in Biddinghuizen (vandaar de naam) onder de naam Walibiyah neer te zetten in 1992 op een failliet geraakt stuk kinderspeeltuin, genaamd de Flevohof.

Flevoland nu en in de toekomst[bewerken]

Lelystad[bewerken]

De vlag van Lelystad, met een blauwe windmolen en een lelie erin (Terwijl Lelystad niet eens draait om lelies, maar om Lely...).

Lelystad is de hoofdstad van Lelystad, die naar ingenieur Lely werd vernoemd. Er moest immers na Almere toch daar iets komen in het noorden, anders zou dat wel heel erg triest afgezonderd worden. Het werd zodoende Lelystad, maar is alsnog triest en afgezonderd gebleven. Omdat men daar vol enthousiasme daar de stad wilde laten creëren vol toekomst etc. vormde de Nederlandse regering een groep ambtenaren bijeen die de hamvraag toegewezen kreeg: "Wat heeft een nieuwe stad nodig?" Het antwoord daarop werd al snel gevonden:

  • Een hoop Woningen;
  • Een paar Winkels;
  • Een handjevol Scholen;
  • Nog meer Woningen;
  • Een Tankstation of iets dergelijks;
  • Een paar Kroegen;
  • Nog meer Woningen;
  • O ja, en een sportveld en wat sporthallen eventueel.


Zo gezegd, zo geschiedde. De ambtenaren en de regering vonden het op een gegeven moment, toen er een hoop woningen, een paar winkels, een handjevol scholen, een tankstation of zoiets, een paar kroegen, wat sporthallen en (bijna vergeten door administratieve rompslomp) een sportveld waren verschenen, welletjes, en zij distantieerden zich van het project omdat het teveel geld begon te kosten. Lelystad werd gelaten aan de investeerders die graag hun geld zagen rollen (en vergaan). Deze investeerders kwamen echter een lange tijd niet, waardoor Lelystad een ver weggelegen stad bleef met niet veel bijzonders, dan alleen maar basisvoorzieningen. Door deze nutteloosheid kregen enkele Kamerleden het idee om van Lelystad één groot fort te maken (het Flevofort) om daar alle gevangenen in te dumpen (omdat de andere gevangenissen vol zaten), maar de Provinciale Staten van Flevoland vond het niet verantwoord (vooral vanwege het opgroeien van de kinderen in de buurt) om naast alle woonhuizen die daadwerkelijk bewoond werden en weilanden vol koeien een grote gevangenis met een reeks TBS-klinieken, asielzoekerscentra, de benodigde plaatsing van landmijnen in de weilanden om het terrein heen en andere bajessen neer te zetten. Toen Flevoland even in het nieuws kwam door dit beoogde project, vonden investeerders het nodig om een spoorlijn aan te leggen (vooral om naar Almere te komen, Lelystad kwam toch ook maar omdat het de hoofdstad was, en de nostalgie naar de plannen van het Lelyfort en Auschwitz), een reeks flats te bouwen en nog een sportveld te vormen.

Heden ten dage is Lelystad vol met criminelen geraakt, omdat zij toch naar Flevoland gestuurd werden vanwege het plan met het Flevofort, en de volloping van de gevangenissen.

De Flevoberg en de Metropool[bewerken]

De Alpe du Flevo, ofwel de Flevoberg.

Flevoland is anno 2017 naast een drooggevallen gebied, ook een stilgevallen gebied waar weinig gebeurt, maar niet het minst (Drenthe spant nog fier de kroon). Een hele lange tijd gebeurde er helemaal niets in Flevoland, omdat de investeerders wegbleven. Dit veranderde: er kwamen op een gegeven moment twee megaprojecten tevoorschijn. In 2008 kwam het plan op om in Nederland een berg te bouwen in Zeewolde, omdat Nederland als plat land al zo saai is en de benzineprijzen stijgen: naar Zwitserland en Oostenrijk gaan kennen we nu intussen ook wel. Het plan werd als idioot ervaren, maar het werd uitgevoerd: binnen enkele jaren kwam er een 2 kilometer hoge Alpe du Flevo in Flevoland die zijn nut gevonden heeft als plaats om te gaan skiën, om te après-skiën, om te wandelen, om te fietsen, om te klimmen, om te raften, om te paragliden, om te picknicken en nog enkele andere zaken waar investeerders zich bereid hebben gevonden om daar hun geld in te steken.

In 2012 hebben wederom een grote groep investeerders en ambtenaren zich verzameld om van Flevoland toch iets te maken, naast een drooggelegd gat met een berg, wat plaatsjes, weilanden met koeien en wat water. Almere en Lelystad moesten samensmelten en Flevoland zelf ook, tot één grote Speciale Administratieve Bestuurlijke Regio, waar een metropool terecht komt met tientallen miljoenen inwoners, vergelijkbaar met Hongkong. Daar heeft de provincie op het moment oren naar en is aan het uitzoeken wat de mogelijkheden zijn. Intussen zijn er een groep ambtenaren aangesteld die bepalen wat er in deze metropool moet komen. Daar waren al enkele antwoorden uit gekomen:

  • Een hoop Woningen;
  • Een paar Winkels;
  • Een handjevol Scholen;
  • Een Tankstation of iets dergelijks;
  • Een paar Kroegen;
  • O ja, en een sportveld en wat sporthallen eventueel.
De toekomstige skyline van Zeewolde.

Dit werd echter direct van tafel geveegd omdat het geen kleine nietszeggende stad mocht worden: het werd immers een metropool. Zodoende pasten zij de ideeën aan:

  • Een miljoen miljard Woningen (met name Flats en Wolkenkrabbers);
  • Een heleboel Winkels;
  • Een verzameling aan zwarte en witte Scholen;
  • Een Olieraffinaderij of iets dergelijks;
  • Een Woonboulevard;
  • Een paar Concertgebouwen;
  • Een Stadion;
  • Misschien een Ziekenhuis;
  • O ja, en nog een Sportveld eventueel.

Dit is tot dusverre geaccepteerd, maar nu komen er enkele knelpunten. Er is het probleem met de weilanden, die bezet worden door de boeren, die er gekomen zijn doordat de overheid deze boeren heeft weggepest uit onder andere Zuid-Holland, Gelderland, Noord-Brabant, Overijssel en nog een paar provincies, vanwege de aanleg van diverse snelwegen en spoorlijnen. De gebouwde snelwegen kunnen niet zomaar even snel worden verwijderd zodat de boeren daar weer terecht kunnen, Flevoland is op dat gebied al erg ingewikkeld omdat het al één groot stuk weiland is. Tevens wilt geen enkele inwoner van Flevoland (op investeerders en gemeenteraadsleden) dit hebben (net als de berg, maar is er toch gekomen). Deze problemen worden nog uitvoerig besproken. De angst is tegelijkertijd ook, dat wanneer deze metropool er gekomen is, dat het zal instorten tot een tweede Lelystad, al is dit dan een metropool met niet veel meer bijzonders dan een stel basisvoorzieningen voor een metropool, waardoor het een dode boel zal worden.

Cultuur[bewerken]

De cultuur op Flevoland is ver te zoeken. De enige vorm van cultuur is echter het boeren, en het vissen, dat nog resterend is op in Urk. Ook is er hier en daar een gangstercultuur aan het verschijnen in met name Almere en Flevoland, door verschillende bendes en groeperingen.

Natuur[bewerken]

Flevoland is een bijzonder stuk natuur ten opzichte van de rest van Nederland. Limburg werd al beschouwd als de puistjes- en pukkeltjesophoping van Nederland, met name met Vaals, maar Flevoland heeft tenminste een echte berg, waar men niet met een zachte G spreekt. Naast de berg bevat Flevoland 98% weiland, met weiland en koeien. Ook zijn er schapen te spotten, met kippen en hanen, maar het zijn met name de koeien die er de dominante groepering vormt.

Zie ook[bewerken]

Potatohead aqua.png
Aan de schandpaal genageld!
Vastgenagelde versie:
22 april 2012
Dit artikel is een verschrikking! Daarom is het vastgenageld aan de schandpaal zodat iedereen er rotte groenten tegenaan kan gooien.