Groente

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken
OokGroente.GIF

Het kost wilskracht en ook moeite
om een kiemend plantje doen te
groeien, groot en sterk, geknoei te
weren: zó verkrijgt men groente!

~ Drs. P na een middagje tuinieren.

Tot groente wordt zowat elke plant gerekend die geen boom of zaadje is, en kan gegeten worden zonder al te fatale gevolgen voor de eter. Vooraleer planten in aanmerking komen voor een groentekandidatuur, doorlopen ze een preselectie die deze plantencategorie haar naam heeft gegeven: in de kleur van een groente moet minstens 1% groen zitten. De oudste preselectieprocedures, die in voege waren omstreeks 2500 vóór onze jaartelling, stelden 100% voorop, maar dat leidde tot een zó grote eenzijdigheid in de voeding, en vooral een zó groot tekort aan vitamines, dat hele beschavingen ten onder gingen aan slechte eetgewoonten. In de loop der eeuwen nam het percentage geleidelijk af, om in 1918, het hoogtepunt van de Spaanse griep, uiteindelijk op de eerder symbolische 1% te stranden. Dit percentage wordt wel rigoureus en onwrikbaar gerespecteerd.

Eetbaarheid en proefkonijnen[bewerken]

Groente in wording. Toch wel, goed kijken!

Om te testen of een plant al dan niet als groente kan beschouwd worden, wordt hij te eten gegeven aan een speciaal daartoe opgeleide soort konijnen, de zogeheten "proefkonijnen". Deze benaming kan voor de leek misleidend zijn, omdat proefkonijnen niet proeven zoals de mens dat pleegt te doen, want de diertjes zijn geselecteerd op het niet functioneren of zelfs het geheel ontbreken van smaak- en reukzin. Dit moet voorkomen dat ze hun neus ophalen voor de planten die hen worden voorgezet. Na inname van de te onderzoeken plant worden de konijnen en hun ontlasting nauwlettend in het oog gehouden: sterft een proefkonijn niet binnen de vierentwintig uur na het eten van een verdachte plant, dan wordt de plant in kwestie als groente bestempeld. Het onderzoek van de konijnenkeutels dient dan om de graad van eetbaarheid te achterhalen[1].

De grote vierdeling[bewerken]

Wanneer een plant de hierboven beschreven procedure met goed gevolg heeft doorlopen, wordt hij ondergebracht in een gepaste categorie, te weten "groot", "middelmatig", "klein" of "gemengd". Deze opdeling houdt verband met de volledigheid der consumptie, gaande van de hele plant, tot een klein gedeelte ervan.

Grote groente[bewerken]

Een groente wordt "groot" genoemd wanneer de gehele plant eetbaar is. Die eetbaarheid mag zich niet beperken tot "inname zonder aansluitend overlijden": alle delen van de plant, van wortel over steel en blad tot bloem, moeten een smaakvol gerecht kunnen opleveren. Grote groentes, zoals worteltjes[2], rammenas, raap en radijs[3], staan op het verplicht repertoire van iedere aspirant-kok, die in staat moet zijn om een volledige driegangenmaaltijd (voorgerecht, hoofdgerecht en dessert) te bereiden met de onderdelen van éénzelfde groente. Indien de deelnemer er ook nog in slaagt om een deel van de groente in kwestie te verwerken tot bijpassende drank, dan is succes verzekerd.

Middelmatige groente[bewerken]

Wanneer van een plant enkel het gedeelte boven, of enkel het gedeelte onder de grond wordt verbruikt, dan spreekt men van een middelmatige groente. De middelmatigheid van deze categorie loopt parallel aan de gemiddeldheid van het succes ervan: de gemiddelde burger verbruikt vooral middelmatige groente, en deze is dan ook overal het jaar door verkrijgbaar. Ondanks deze alomtegenwoordigheid, sommen we hier uit plichtsbesef toch een aantal vertegenwoordigers op: sla[4], gras, ui en aardappel.

Kleine groente[bewerken]

Alleen slakken eten van een bonenplant meer dan alleen de boon: voor hen is dit een middelmatige groente (de beestjes halen hun neus op voor de wortels), voor ons een kleine groente. Aangezien slakken maling hebben aan onze vierdeling, is hun visie van nul en gener waarde, zodat bonen stevig in de categorie "kleine groente" geworteld zitten. Die wortels laten we zitten: dat deel van de plant eten ook wij niet op. Wanneer bonen langsheen bonenstaken groeien, worden deze staken evenmin genuttigd, zelfs niet door ongedierte. Een kleine, doch niet te versmaden aanbeveling voor beginnende tuinders.

Gemengde groente[bewerken]

"Gemengde groente" is eigenlijk een theoretische categorie: tot nu toe werden geen planten aangetroffen die ervoor in aanmerking komen. De plaats wordt echter vrijgehouden, en zodra iemand een passende groente tegen het lijf loopt, is de bijdrage hier zeer welkom. Waarschuwing: de Servische razkovnik en de Tartaarse barometz zijn door Professor W. Druyff al in respectievelijk 1967 en 1972 ontmaskerd als mythische planten[5].

Twijfelgevallen[bewerken]

Één der vele twijfelgevallen: rabarber, groente, fruit of sierplant?

Geen enkel onderzoeksterrein beschikt over een degelijke en duidelijke afbakening, en de groente maakt hierop geen uitzondering. De twijfelgevallen worden in twee subcategorieën ondergebracht: de twijfelgevallen volgens consumptie, en de twijfelgevallen volgens naamgeving.

Twijfelgevallen volgens consumptie[bewerken]

Er bestaan dus planten die, hoewel ze aan voldoende van de eerder beschreven voorwaarden voldoen, verdacht veel lijken op collega's uit andere plantcategorieën, zoals bijvoorbeeld het fruit. Het meest omstreden twijfelgeval is de tomaat, op de hielen gevolgd door de aubergine, de komkommer, de erwt en natuurlijk ook rabarber. De bloemkool wordt door sommige biologen dan weer bij de eetbare bloemen ondergebracht, net zoals de artisjok en de paardenbloem.

Twijfelgevallen volgens naamgeving[bewerken]

Hoewel kenners weten dat een

  • aardappel geen appel, en dus geen fruit is;
  • aardpeer geen peer, en dus evenmin fruit is;
  • bloemkool geen bloem is,

worden deze groenten door leken wel eens voor verkeerde doeleinden aangeschaft, wat de populariteit van deze gewassen niet bevordert. De paardenbloem is dan weer een eetbare bloem die nog steeds te vaak ter vervanging van paardenvlees wordt gebruikt.

De teelt[bewerken]

Groenten worden geteeld, gekweekt, beide tegelijk, of, voor wie van afwisseling houdt, afwisselend. Dit laatste heeft "wisselbouw": naar eigen goedddunken kan een tuinder op even dagen kweken en op oneven dagen telen, of omgekeerd.

Groenteboer en tuinder[bewerken]

Zelfs de teelt (of "kweek", zie boven) van groente leidt tot misverstanden: in tegenspraak met een wijdverbreide misvatting, worden groenten niet gekweekt door groenteboeren, maar door tuinders. De eerder vermelde groenteboeren staan evenmin in voor de productie van groente, als zandboeren voor de productie van zand of visboeren voor het kweken van vis, maar enkel voor de handel erin. Misleidende reclame is dus van alle tijden, en deze even verwarrende als diep ingewortelde naamgeving dateert al van lang vóór traceerbaarheid en lokale productie modewoorden geworden zijn.

Grond of water[bewerken]

De opkomst, aan het einde van de XXste eeuw, van de hydrocultuur, waarbij de planten niet meer wortelen in de hen zo vertrouwde aarde, maar worteltjebaden in voedzaam doch weinig houvast biedend water, heeft de "grote vierdeling" op de helling gezet. Oplettende lezertjes beseffen meteen waarom, en de anderen mogen altijd eens proberen om te zwemmen in aarde en een put te graven in water. Gastronomen weten intussen al dat groenten gekweekt (of "geteeld", zie boven) in volle grond nét dat ietsje meer hebben, al beweren hydroculturisten dan weer dat dat ietsje meer enkel de grondrestanten zijn die na onzorgvuldig wassen tussen de tanden blijven knarsen.

Wist je dat...[bewerken]

  • ...er in een salade allerlei groente, fruit en eetbare objecten kunnen zitten, maar dat ze niet noodzakelijk ook sla moet bevatten? Beweren dat een echte salade wél sla moet bevatten, wordt in Frankrijk zó bespottelijk gevonden, dat men daar het verkondigen van dat en gelijkaardige ideeën "raconter des salades noemt[6]?
  • ..."groentes" nét iets anders smaken dan "groenten"?
  • ...de enen "vitamines" bevatten en de anderen "vitaminen"?
  • ...beiden even gezond zijn voor konijnen en vegetariërs?
Planten groot en klein

Bomen:
Beuk · Berk · Eik · Spoorboom

Fruit:
Ananas · Appel · Banaan · Kiwi · Peer (vrucht) · Sinaasappel · Tomaat

Groente:
Aardappel (Negatief) · Gras · Komkommer · Paardenbloem · Prei · Selder · Sla · Tomaat · Ui

Overige planten:
Coockie · Paashaas · Tabak

Notenbalk[bewerken]

  1. Voor meer onfrisse details hieromtrent kunt u terecht in het standaardwerk van Professor W. Druyff, "Van stevige keutel tot stinkende knoeiboel: de ontlasting van het proefkonijn van nabij bekeken", in 2015 verschenen bij Uitgeverij "Den Dampenden Darm" te Zevergem.
  2. Een treffend voorbeeld van hoe misleidend de term "groot" in deze context kan zijn.
  3. Volgens Drs. P horen hier ook knolraap en lof, schorseneren en prei bij te staan, maar hij wordt in die mening door weinigen gevolgd.
  4. Tenzij ze opgeschoten is, al wordt sinds kort wel culinair geëxperimenteerd met slabloemen.
  5. Momenteel onderzoekt de professor de door velen, maar niet allen, mythisch genoemde spaghettiboom.
  6. De letterlijke vertaling, "salades vertellen", heeft zó weinig charme, dat niemand ze gebruikt, wat het lezen van deze voetnoot ontmaskert als pure tijdverspilling.