Marx Brothers

Uit Oncyclopedia
(Doorverwezen vanaf Karl Marx)
Ga naar: navigatie, zoeken
Haardlezen.JPG
WAARSCHUWING VOOR ONERVAREN LEZERS
Deze pagina is onmenselijk laaaaaaaaaaaang, en wordt dus bij voorkeur gelezen
tijdens de lange winteravonden, wat de houdbaarheid ervan beperkt tot de periode
21 december - 21 maart

De Marx Brothers hebben een diepe indruk op het menselijk collectief geheugen achtergelaten, maar voor die indruk zijn er méér Brothers verantwoordelijk dan menig kenner meent te weten. Ook is die indruk niet uitsluitend van komische aard.

't Misverstand[bewerken]

De modale filmliefhebber is ervan overtuigd dat de beroemde Marx Brothers een trio waren. De meer gevorderde meent te weten dat ze met vier waren. De zogenaamde expert leert aan de twee eerder genoemden dat de gebroeders eigenlijk met vijf waren, en voegt daar doorgaans ook aan toe wanneer en waarom er deze of gene was afgevallen. Mits een beetje aan te dringen levert deze expert ook de bijpassende schoenmaten en voorkeuren voor bepaalde (al dan niet vloeibare) voedingswaren. De Oncyclopedia-lezer weet beter, toch na lezing van dit artikel. Ze waren niet met drie, niet met vier, niet met vijf : ze waren met twintig , de ouders niet meegerekend!

Pa & Ma Marx[bewerken]

Papa en mama Marx in de rollen die hen het dierbaarst waren.

Dit knusse en tevens creatieve New-Yorkse gezinnetje werd gestart met slechts twee personen: Samuel F. Marx (30 februari 1835-1 april 1935), acteur en stuntman van beroep, en Minnie M. Marx (30 februari 1836-1 april 1936), actrice van beroep.

Samuel F. Marx[bewerken]

Samuels meest geliefde (maar om evidente redenen minst bekende) prestatie was zijn optreden als stand-in voor Sitting Bull, wanneer die niet kon optreden in Buffalo Bill Wild West show. Oorspronkelijk had Samuel Marx niet zoveel werk in de Wild West Show, maar dat veranderde toen Sitting Bull stierf in 1890, en de baan full-time werd. Toen Buffalo Bill in 1917 óók overleed, weigerde Samuel zijn rol verder te spelen, en werd besloten de dappere indiaan een even theatrale als ontroerende dood aan gebroken hart te laten sterven, zodat Marx eindelijk van een welverdiend pensioen kon genieten.

Minnie M. Marx[bewerken]

Minnie's meest gekoesterde rol was die van dubbelgangster van de Franse actrice Sarah Bernhardt, die moeilijk aan de toegenomen vraag naar Amerikaanse optredens kon voldoen, en tijdens haar authentieke tournees tussen 1886 en 1883 bovendien dikwijls de benen nam om aan één of andere amoureuze gril gehoor te geven. Haar dood in 1923 luidde Minnie's eveneens welverdiende pensioen in.

Gezinsuitbreiding[bewerken]

Beide jonge mensen hadden het al een bijzonder aardig toeval gevonden dat zij alle twee op 30 februari geboren waren, maar toen hun eerste kind het levenslicht zag op 30 februari 1855, begrepen zij dat het Lot met hen iets heel speciaals van plan was. Dit voorgevoel werd sterker toen hun tweede kind op 30 februari 1856 geboren werd. Laten wij dit kroost, dat uiteindelijk beroemd zou worden als The Marx Brothers, eens van nabij bestuderen, daarbij voor ogen houdend dat het hele gezin nooit een andere woning dan een bescheiden New-Yorks appartementje gekend heeft, wat een verklaring kan zijn voor het grenzeloos gevoel voor humor waarmee de meeste broers gezegend waren.

De gebroeders Marx[bewerken]

Zelfs de meest vluchtige blik op wat volgt, verraadt al dat de verjaardagspartijtjes in het gezin Marx bijzonder schaars, maar wel bijzonder druk waren. Deze drukte nam pas af vanaf 1955, omdat géén van de kleinkinderen van Sam en Minnie op een 30ste februari geboren werd. Niet één van hen werd trouwens beroemd. Hoe goed Sam en Minnie hun best ook deden om leuke namen te verzinnen voor hun jongens, toch waren ze geen van allen blij met hun originele voornaam, en zochten ze zo snel mogelijk een artiestennaam. Zij luisterden obstinaat enkel en alleen naar deze zelf gekozen naam, en de eerste voornaam verscheen enkel nog op zeer officiële documenten.

Carlo Marx (30 februari 1855 - 1 april 1955)[bewerken]

Carlo Marx

Officiële voornaam: Zacharias.
Oudste en meest baardige van de gebroeders. Hij was de enige die geen carrière in de filmwereld ambieerde, maar zich uitsluitend interesseerde voor het lot van de arbeiders en andere onderdrukten. Omdat die oriëntatie in de nog jonge Verenigde Staten niet gewaardeerd werd, vertrok hij kort na zijn zesde verjaardag naar Engeland, waar hij in 1864 als jongste revolutionair leider uit de geschiedenis de Eerste Internationale oprichtte. Hij bleef in Londen wonen, en kwam enkel naar New York voor de jaarlijkse verjaardagspartij op 30 februari. Zijn weelderige baardgroei, die inzette rond zijn vijfde levensjaar, werd alleen overtroffen door die van Bardo.

Eddo Marx (30 februari 1856 - 1 april 1956)[bewerken]

Eddo Marx

Officiële voornaam: Walter.
Eddo was de zanger van de familie, gespecialiseerd in melodramatische liedjes, die tussen 1860 en 1918 enorm populair waren in de Verenigde Staten, en vertolkte die meestal samen met zijn jongere broer Freddo, die hem begeleidde met diverse grappige doch muzikale geluiden. Tussen 1920 en 1930 kende zijn zangcarrière een korte inzinking, omwille van de opkomst van de jazz, maar met de komst van de klankfilm nam de vraag naar melodramatische zangers weer toe, en was zijn toekomst verzekerd. Wie herinnert zich niet zijn ontroerende interpretatie van "Kom Jozefien in mijn vliegmachien" in de Paramount-horrorklassieker "Gejaagd door de wind" uit 1939? Eddo inspireerde hele generaties charmezangers in Amerika, Sina en Europa, en zijn stijl wordt nog altijd geappreciëerd en nagevolgd, vooral in Nederlandstalige gemeenschappen.

Masso Marx (30 februari 1857 - 1 april 1957)[bewerken]

Masso Marx

Officiële voornaam: Baldrick.
Bekend voor zijn buitengewone kracht en onverwoestbaar gebit, was hij in de filmstudio's vanaf de prille jaren van het verschijnsel "film" de meest populaire "stagehand", vooral wanneer er bijzonder zware apparatuur moest verplaatst worden op plaatsen waar geen paard of tractor kon komen. Hij placht dan het materiaal in kwestie met zijn tanden voort te trekken. Toen hij stierf was zijn gebit nog steeds intakt, en het is nu tentoongesteld in het Museum voor Natuurwetenschappen te Brussel (België). Naast zijn studiobaan had hij nog een tweede, minstens even tijd- en energierovende opdracht: zijn één jaar jongere broertje Seko in 't oog houden. Dit kon hij niet altijd waarmaken, en zijn momenten van (meestal gedwongen) onoplettendheid veroorzaakten onherstelbare schade aan de wereldgeschiedenis.

Seko Marx (30 februari 1858 - 1 april 1958)[bewerken]

Seko Marx

Officiële voornaam: Mohammed.
In een vlaag van exotisme, typerend voor het Amerika van die tijd, noemden Sam en Minnie hun vierde spruit "Mohammed". Het feit dat hij beduidend donkerder van huid was dan zijn oudere broers was waarschijnlijk óók niet helemaal vreemd aan deze keuze. Het werd dra duidelijk dat dit het zorgenkind van de familie Marx zou worden: nauwelijks drie jaar oud trachtte hij al de wijk waar zij woonden onafhankelijk te verklaren, en ontketende hiermee de Amerikaanse Burgeroorlog. Zijn huidskleur maakte deze kleuter tot een geliefde mascotte van de Yankees, die in hem een symbool van de af te schaffen slavernij zagen. Toen ze éénmaal doorhadden dat niet de slavernij in het Zuiden, maar deze New-Yorkse bengel de oorzaak was van de Burgeroorlog, gaven ze hem een welverdiende schop onder de korte broek, en zwoeren dat zij de ware toedracht nooit aan het licht zouden laten komen. Dat was natuurlijk zonder Oncyclopedia gerekend... Seko zou later zijn machtswellust vooral op het witte doek botvieren, en zich specialiseren in rollen van Afrikaanse keizers en andere dictators. Hij deed dit zo overtuigend, dat zijn acteerwerk meer dan één Afrikaans politicus of militair op ideeën bracht. Toen Masso, zijn één jaar oudere broer, in augustus 1914 het te druk had met de herinrichting van de Mack Sennet studio's in Hollywood, scheepte Seko zich in op een schip naar Europa, waar hij tijdens een optocht een sympathieke soldaat een zodanige klop op de schouder verkocht dat diens geweer afging en een hoogstaand persoon om het leven bracht. Wéér was de wereldgeschiedenis een andere richting ingeslagen, en Seko haastte zich huiswaarts. Kort vóor zijn dood zag hij nog kans om een beslissende rol te spelen in de onafhankelijkheid van Congo 1, waar zijn als 99-plusser automatisch het statuut van goeroe annex maraboe ontving.

MarxIntermezzo.gif

Eerste procreatieve pauze[bewerken]

Halverwege de XIXde eeuw was het woord "racisme" nog niet goed ingeburgerd, anders had men vader Marx' achterdochtigheid jegens zijn echtgenote daaraan kunnen toeschrijven. In ieder geval werd het gezin in 1859 niet groter!

Freddo Marx (30 februari 1860 - 1 april 1960)[bewerken]

Freddo Marx

Officiële voornaam: Manfred.
Manfred, of kortweg "Freddo"[1], was van bij zijn geboorte voorbestemd om zonderlinge klanken voort te brengen. Het geluid dat hij maakte bij zijn terwereldkoming had niets menselijks, maar was wel ongelooflijk grappig, zodat de omstaanders gierend van het lachen op de grond lagen, vroedvrouw incluis. Spoedig begeleidde hij met zijn vreemde maar muzikale geluiden zijn oudere broer Eddo tijdens diens zangstonden, en vormden zij het meest succesvolle laat-XIXde-eeuwse Amerikaanse vaudeville-duo, de "Eddo & Freddo Show". Freddo was onklopbaar in het uitvinden van maffe muziekinstrumenten, waaronder de "Sadivarius" de meeste bijval genoot. Pas lang na zijn dood werd bekend hoe hij het destijds presteerde om een melancholieke melodie te spelen met een klank die het midden hield tussen een viool, een hobo en een zieke vleermuis, op een instrument dat bestond uit twee middelgrote twijgen en een kokosnoot. Van Freddo zijn geen filmbeelden bewaard gebleven, omdat hij zijn filmactiviteit vooral achter de schermen bedreef, als specialist in geluidseffecten. Aan hem danken wij onder andere dat in ons collectief geheugen gegrift "Ptoiingshwoeshblurblurpatatpatatpatatskrok" geluid waarmee Dracula de blonde maagd een liter bloed aftapt in de gelijknamige Paramount-klassieker.

Chico Marx (30 februari 1861 - 1 april 1961)[bewerken]

Chico Marx

Officiële voornaam: Leonard.
Chico Marx zal altijd in onze geheugens gegrift staan als de klassevolle, rijzige jeune premier uit de Paramount-films waarin hij aan de zijde van Harpo, Groucho en Zeppo speelde. Als enige van de familie had hij een conservatoriumopleiding genoten, en zijn palmares bevat diverse onderscheidingen zoals de Prix de Rome (1867!), de Prijs van Duckburg (1934) en de Nobelprijs voor de vrede (1918, voor het componeren en aan het front uitvoeren van zijn moreelondersteunende hits "Over There" en "It's a Long Way to Tipperary"). Zijn vertolkingen van klassieke pianomuziek (Beethoven was zijn lievelingscomponist) zorgde voor serious relief tussen de dolle gags van zijn broers, en lokte ook een meerwaardezoekend publiek naar hun films. Zijn "Oxford-English" stak enigszins af tegen het populaire New-Yorkse accent van de anderen, maar hij heeft op gebied van stijl nooit een vingerbreed toegegeven.

Jopo Marx (30 februari 1862 - 1 april 1962)[bewerken]

Jopo Marx

Officiële voornaam: Zebedeus.
Jopo Marx was voorbestemd om een belangrijke figuur in de religieuze wereld te worden, maar dat draaide anders uit. Heel zijn jeugd lang trachtte hij zijn ouders tot het Katholieke geloof te bekeren, en overlaadde hen afwisselend met zegeningen en excommunicaties, voorspiegelingen van hemel en hel. Hij hield ervan zich in miniatuurversies (en later authentieke modelletjes) van rijkelijk versierde roomse gewaden te hullen, en bijzonder lange preken en andere sermoenen af te steken. Tijdens een dergelijke show werd hij ontdekt door de manager van een reizend vaudevillegezelschap, en haalde hem over haalde over hem overhield hem kreeg hem zover dat hij de rol van donderprekende prelaat in "Vrouwe Chatterley's Minnaar". Zijn daverende gepreek tegen de zedeloosheid had een zodanig bijval, dat hij niet doorhad dat hij een komisch effect genereerde, en dergelijke rollen voor de rest van zijn leven bleef spelen, ook in film. Tot op zijn sterfbed bleef Jopo volhouden dat hij zo de grote massa van verregaande zedeloosheid had gered.

MarxIntermezzo.gif

Tweede procreatieve pauze[bewerken]

Een boreling die al zegenend ter wereld komt, en meteen de vloer van de kraamkamer begint te kussen: nee, vader Marx had er weer voor een tijdje genoeg van, en vreesde voor ergere genetische afwijkingen in de toekomst. Hij hield zich wéér maar eens een tijdje in kuis bedwang.

Harpo Marx (30 februari 1864 - 1 april 1964)[bewerken]

Harpo Marx

Officiële voornaam: Arthur.
Van de Marx Brothers die op het witte doek roem vergaarden, is Harpo wellicht de bestbespraakte. Zijn eindeloze tirades irriteerden de tegenspelers[2] en charmeerden de filmliefhebbers, die heden ten dage nog kilometers tekst uit deze films kunnen reciteren. De "Zijn of niet zijn" monoloog uit "Omelet" (1940) is daar een goed voorbeeld van. Hij wordt vaak verward met zijn jongere (en nogal schuchtere) broer Groucho, die daarom uiteindelijk met een grote geschilderde snor door het leven ging.

Winno Marx (30 februari 1865 - 1 april 1965)[bewerken]

Winno Marx

Officiële voornaam: Ezechiel.
In tegenstelling tot zijn jongere broer Groucho, die op latere leeftijd begon te roken omdat dat volgens hem deel uitmaakte van zijn theater- en filmpersonage, kwam Winno Marx ter wereld met een sigaar in de ene hand, terwijl hij met twee vingers van de andere hand de hoofdletter V vormde. De vroedvrouw, die alle vorige broers al in de wereld had geholpen, en stilaan (maar als enige) klaar begon te zien in de wonderlijke voortbrengselen van het echtpaar Marx, voorspelde dat hieruit een groot en succesvol politicus zou groeien. Haar helderziendheid stond nog lang niet op punt, zo zou later blijken, want Winno was wel actief in de politiek, maar als reclamejongen. Hij verzorgde verkiezingscampagnes bij de vleet, en gebruikte als eerste het nieuwe medium "film" om zijn kandidaten aan het kiesvee te verkopen. Al zijn campagnes waren succesvol, een unicum in de geschiedenis van politieke reclamevoering, en om het Lot uit te dagen aanvaardde hij in 1899 de verantwoordelijkheid voor de campagnes van twee concurrerende presidentschapskandidaten. De stemming werd een grandioos ex-aequo, met een ongeziene opkomst, en in 1900 had San Theodoros een dubbelpresidentschap, dat binnen het halve jaar door de 275ste staatsgreep sinds het bestaan van San Theodoros omvergeworpen werd. Zijn kenmerkende pose met sigaar en "V" werd door veel politici met wisselend succes geïmiteerd.

Bardo Marx (30 februari 1866 - 1 april 1966)[bewerken]

Bardo Marx

Officiële voornaam: Emmanuel.
De enige Marx Brother die Carlo qua gezichtsbegroeiing kon evenaren was Bardo, die met baard en al geboren werd. Het was die baard die alle twijfels moest wegnemen omtrent het geslacht van deze telg, waarover zonderlinge geruchten de ronde deden. Zo zou Bardo een aardige duit bijverdiend hebben door zich tentoon te stellen als "vrouw met de baard" op de Wereldtentoonstellingen in New Orleans (1884), Chicago (1893) en St. Louis (1904). Deze geruchten zijn echter nooit bevestigd, en kwamen trouwens pas opduiken na het overweldigende succes van Bardo met zijn rol van Raspoetin in de gelijknamige Paramount-horrofilm uit 1934. De tol van de roem, zeg maar.

MarxIntermezzo.gif

Derde procreatieve pauze[bewerken]

Een baby waarvan de aanwezigheid van forse baardgroei duidelijker aan te wijzen is dan het precieze geslacht! Vader Marx vond het weer te ver gaan, en legde er maar weer eens een knoop in, de stakker.

Pedro Marx (30 februari 1868 - 1 april 1968)[bewerken]

Pedro Marx

Officiële voornaam: Oscar.
De komst van de bijzonder schattige Pedro verzoende Sam weer met zijn eigen productiviteit. Deze jongen had zich duidelijk zeer vroeg voorgenomen om zijn ouders altijd ter wille te zijn, braaf op te letten, goed zijn best te doen op school, en oude dametjes de straat te helpen oversteken. Deze gedienstigheid werd wel geapprecieerd, maar toch met enige bezorgdheid bekeken. In hun buurt hoorde een jongen nu eenmaal zo niet te zijn: dit was niet normaal. Uiteindelijk wreekte deze situatie zich, toen Pedro in de eerste horrorfilm aller tijden (de stille Paramount-film "Doctor Dingo's Duistere Driften" uit 1895) op virtuoze wijze de rol van de listige, gluiperige, wrede waanzinnige chirurg Dingo Diddl vertolkte. Sindsdien werd hij nog uitsluitend voor dergelijke rollen gevraagd, en lanceerde op die manier het horrorgenre dat in de jaren dertig zijn hoogtepunt kende, en slechts even in de jaren 50 door de Hammerstudio's eventjes uit de diepte werd opgetild. Daartoe haalden zij Pedro uit zijn welverdiende rust, maar hij slaagde er niet in zijn hypnotische kwaliteiten van destijds ten volle terug te vinden. Sinds zijn dood is alle kans op kwaliteitsvolle horror definitief verzwonden, getuigen daarvan de bloederige rolprenten van de laatste decennia.

Boro Marx (30 februari 1869 - 1 april 1969)[bewerken]

Boro Marx

Officiële voornaam: Victor.
Ofschoon vanaf zijn geboorte ogenschijnlijk benadeeld door zijn afstotend uiterlijk, kon Boro in vriendelijkheid en behulpzaamheid best wedijveren met zijn één jaar oudere broer Pedro. Wonderlijk genoeg maakte ook hij carrière in de horrorfilm, zij het dan voornamelijk in monsterrollen. Zijn vertolking van de "Golem" in de gelijknamige film uit 1914 staat ons nog fris voor de geest, en zijn "Spook van de Operette" uit 1925 zou tot de allerbeste gekroond worden, ware het niet dat operette zonder klank weinig overtuigend overkomt. De sequels die hij draaide mét klank[3], schenen met minder overtuiging gemaakt te zijn, en dienden waarschijnlijk alleen om geld in het laatje te brengen. Zijn veertien "Mummie"-films waren van beter kwaliteit, evenals zijn zesendertig "Weerwolf"-vertolkingen. Hij stierf in mysterieuze omstandigheden: oogetuigen beweerden dat op het ogenblik van zijn laatste adem zijn lichaam totaal tot stof verging, en er een lege doodskist ten grave gedragen werd, omdat de schoonmaakster in een onbewaakt ogenblik met de stofzuiger langsgeweest was.

MarxIntermezzo.gif

Vierde procreatieve pauze[bewerken]

Het ter wereld zien komen van de verder best schattige Boro (die in zijn hele leven wel groeide, maar nooit andere gelaatstrekken heeft gehad) had vader Marx danig geschokt, dat hij zijn vleselijke driften een jaartje in toom hield.

Colo Marx (30 februari 1871 - 1 april 1971)[bewerken]

Colo Marx

Officiële voornaam: Zacharias.
Indien de naam "Marx" ooit met het begrip "sociaal voelend" werd geassocieerd, dan is dat wel te danken aan "Colo" Marx. In het voetspoor van zijn oudste broer Carlo zette hij zich in voor de minstbedeelden, maar slaagde erin om dat met een filmcarrière , te combineren, en zo zijn filmfaam aan te wenden voor humanitaire doeleinden. Hij blonk uit in clowneske rollen, zoals in "Lach, clown, lach!" uit 1928, en op het toppunt van zijn roem, in 1932, was hij onafhankelijk kandidaat voor het Amerikaanse presidentschap. Toen opiniepeilingen deze filmclown een serieuze winstkans voorspelden, werd er vanuit de conservatieve media én de industriële lobbies druk op hem uitgeoefend om zich terug te trekken, onder het voorwendsel dat in deze donkere jaren Amerika nood had aan een serieuze president. Dat werd dan Franklin D. Roosevelt, inderdaad geen grapjas. Colo bleef zich inzetten voor de armen en daklozen, en richtte een restaurantketen op die goedkoop voedsel verstrekte aan de armsten, de zogenaamde "Colo's Golden Heart Restaurants". Het voedsel kwam van schenkingen, en de bereiding en bediening gebeurde door vrijwilligers. Na zijn dood werd de keten overgenomen door een hamburgerketen, die de vrijwilligers en de gratis bevoorrading[4] behield, maar de prijzen aanpaste aan de economische realiteit, en ook het logo verving.

Doro Marx (30 februari 1872 - 1 april 1972)[bewerken]

Doro Marx

Officiële voornaam: Thomas.
De snor van Doro Marx was even weelderig als echt, in tegenstelling tot die van zijn jongere broer Groucho. Deze snor was dan ook het middelpunt van zijn bestaan, en hij claimde dat hij er zelfs kleine dakloze dieren kon in onderbrengen. Filantropie was duidelijk een vaak voorkomende karaktertrek in de familie Marx. De in Doro's snor ondergebrachte dieren mochten wel een bepaalde grootte niet overschrijden, en éénmaal ze de afmetingen van een volwassen koolmees hadden bereikt gingen ze eruit. Doro hield heel zijn leven lang een lijst bij van zijn gasten, en daaronder vinden we zevenenvijftig baardmijten, drieëntwintig schaamluizen, twintig kool- en andere mezen, één winterkoninkje, zeven veldmuizen en een familie mollen. Deze bezigheid weerhield hem niet van een lange filmcarrière, waar hij zich specialiseerde in rollen van zwervers en landlopers. Charlie Chaplin vond hem daarin beter dan zichzelf, maar het grote publiek oordeelde daar anders over. Het was in een dergelijke rol in "De Mottige Molshoop" dat hij een liedje zong over zijn logees, een liedje waarvan eenieder nog altijd de eerste regels kent:

D'r wonen twee mollen
in m'n grote snor.
En die twee mollen
verdienen een por.

Na zijn overlijden werden de laatste snorbewoners voorzichtig verwijderd en tijdelijk in een kooitje geplaatst.

Popo Marx (30 februari 1873 - 1 april 1973)[bewerken]

Popo Marx

Officiële voornaam: Theobald.
Popo Marx kwam pas in de belangstelling op zevenentwintigjarige leeftijd, toen een onoplettende stap in een hondendrol hem voor eens en altijd vervulde van afschuw voor de begane grond. Hij volgde een spoedopleiding tot trapezist, en bracht de rest van zijn leven bovengronds door. Bovengronds in de zin van boven de grond in plaats van erop. Het loonde de moeite om Popo boodschappen te zien doen: hij verplaatste zich langs de gevels, altijd op minstens één meter van de begane grond. Zijn spectaculaire manier van voortbewegen , waarbij hij zich ook van lange dunne kabels met kleine enterhaken bediende, inspireerde in 1912 een jonge Paramount-scenarist tot een film over een als spin verklede man die her en der onrecht herstelde, weduwen en wezen beschermde, en voornamelijk vliegen at. De film, "Spinneman" geheten, was onmiddellijk een kaskraker. Het feit dat Popo Marx zélf de hoofdrol speelde was daar niet vreemd aan: met eender welke andere acteur zou men speciale effecten en trucages nodig gehad hebben van een niveau dat pas 90 jaar later zou bereikt worden. Popo bleef de rol spelen in tientallen sequels, maar na de Tweede Wereldoorlog nam de interesse van het publiek af. Enige jaren vóór zijn dood smaakte hij wél nog het genoegen dat zijn personage een nieuw superheldstripverhaal inspireerde.

Paco Marx (30 februari 1874 - 1 april 1974)[bewerken]

Paco Marx

Officiële voornaam: Heinrich.
In navolging van zijn bijna twintig jaar oudere broer Eddo wou Paco Marx óók zanger worden, en óók in het sentimentele genre. Helaas werd hij daarbij gehinderd door een fatale handicap, die zijn anders prominent aanwezige muzikaliteit aan banden legde. Paco's pogingen tot zingen werden verknoeid door het meest walgelijke vibrato-effect dat ooit een menselijke stem ontsierd heeft. Zelfs de meest overromantische charmezangers konden dat effect niet bereiken, al zouden ze het tot op zekere hoogte gewild hebben. Iemand die Paco een paar seconden lang hoorde zingen kreeg plots het gevoel op een middelgrote schuit te zitten bij redelijk zwaar weer, met alle gevolgen van dien. Bovendien had hij een lichte gezichtsstoornis die hem niet toeliet zijn mond helemaal te sluiten, wat resulteerde in een zeer geaffecteerde uitspraak, en een eeuwige glimlach. Toen hij na een korte maar frustrerende carrière als visventer in 1929 door een Paramount-producer de hoofdrol kreeg aangeboden in de film "De Zeemeerman"[5], kon hij alsnog proberen zijn succesvollere broers te evenaren. Zijn gezang verziekte echter eerst de klanktechnici tijdens de opname, en dan het publiek tijdens de weergave, en de film werd een flop. Hij bleef vis venten voor de rest van zijn leven.

Lolo Marx (30 februari 1875 - 1 april 1975)[bewerken]

Lolo Marx

Officiële voornaam: Kevin.
Lolo Marx bezorgde Minnie Marx een hoop baarlabeur, omdat hij absoluut als stevige vijf kilo zware jongeling ter wereld wou komen, en daar na een bevalling van twee weken ook in slaagde. Dit was, hoe ongelooflijk ook, geen échte verrassing, aangezien de weeën inzetten op 16 februari. Ondanks zijn eerder volkse oorspronkelijke voornaam, was Lolo nooit écht gelukkig met de bescheiden status van de familie, en droomde hij luidop van koningschap, mooie villa's en snelle wagens. Deze laatste droom kwam de andere pas vervoegen toen hij in 1896 de catalogus van de Dureya Motor Wagon Company in handen kreeg. Zonder een cent om voor zichzelf zo'n wagen te kopen, bood hij zijn diensten aan als piloot toen datzelfde jaar de eerste Amerikaanse autorace gehouden werd. Aangezien eigenlijk niemand die gevaarlijk snelle lawaaidingen wilde besturen, werd zijn aanbod gretig aanvaard. Hij pende in lyrische bewoordingen deze ervaring neer, en werd zo meteen de eerste autojournalist. Zijn voorstel om dergelijke races ook op film vast te leggen en door middel van tussentitels van commentaar te voorzien, werd eveneens goed ontvangen, wat Amerika meteen ook het eerste automagazine met bewegende beelden opleverde. Hij kwam natuurlijk zo vaak mogelijk zélf in beeld, bij voorkeur in royaal aandoende gewaden en uniformen, wat hem de bijnam "The Prince of the Automobile" opleverde. Deze bekendheid legde hem geen windeieren, en er werden hem rollen van chauffeurs en racepiloten aangeboden. Hij is het die een aangeschoten Charlie Chaplin thuisbrengt in "Eén uur des ochtends" uit 1916! Zo gingen al zijn dromen uiteindelijk in vervulling, al werd hij nooit écht koning.

MarxIntermezzo.gif

Vijfde procreatieve pauze[bewerken]

Welke normale baby wordt er nu geboren met op elke bil een moedervlek in de vorm van een kroontje, en blaft in plaats van te huilen? Vader Marx nam de benen, en logeerde een hele poos bij zijn werkgever, Buffalo Bill.

Groucho Marx (30 februari 1877 - 31 december 1977)[bewerken]

Groucho Marx

Officiële voornaam: Julius.
Ook Groucho is wijd en zijd bekend uit de Paramount-films waarin hij samen met Harpo, Chico en Zeppo optrad. Deze faam was niet vanzelfsprekend, want Groucho was verweg de schuchterste telg uit het hele gezin, en moest het vooral van zijn fysieke capaciteiten hebben. Hij was leniger dan Buster Keaton, Harold LLoyd en Charlie Chaplin samen, en kreeg van regisseurs vaak het verwijt dat hij, vooral in zijn ontsnappingsgags, te snel bewoog voor een met 16 beelden per seconde filmende camera. Toen bij de komst van klankfilm de standaard werd opgetrokken naar 24 beelden per seconden, bleek hij nóg te snel, en kon ook de klanktechnicus niet volgen. Dit kostte de filmmaatschappijen heelwat extra takes, wat zijn populariteit bij producers niet ten goede kwam. Atleet tot in de kist, ontsnapte hij op 1 april 1977 aan de op hem afkomende Dood, die dan maar een ander slachtoffer koos, om pas met Oudejaar terug te komen.

Gummo Marx (30 februari 1878 - 1 april 1977)[bewerken]

Gummo Marx

Officiële voornaam: Milton.
Gummo was de rustigste van alle broers, zó rustig dat men hem 's nachts soms wakker maakte om zeker te zijn dat hij nog leefde. Zó onopvallend was hij, dat er vaak een bord te weinig op tafel stond, omdat hij gewoon vergeten werd. Veel bezoekers meenden dat hij deel uitmaakte van het meubilair, en talloze keren speelde hij zonder morren voor kapstok. Een na zekere tijd geruisloos verdwijnende kapstok dan wel, jassen en hoeden inbegrepen,tot grote ontsteltenis van de eigenaars. Deze kameleonkwaliteiten werden opgemerkt door een theatermanager die het beu was om elk rekwisiet te kopen of te huren dat een fantast van een schrijver in een voorstelling geschreven had. Gummo speelde vanaf dan talloze objecten, van paraplubak tot lampenkap, van gasfornuis tot fototoestel. Met de komst van film had hij nog méér succes, omdat hij daar per shot van rol kon veranderen, en zo de producer nog méér geld kon laten besparen. Hij speelde nooit menselijke, dierlijke of plantaardige rollen, en toen hij uitzonderlijk, ter gelegenheid van zijn 99ste verjaardag, zijn één jaar oudere broer Groucho wou imiteren, had hij met die rol zóveel succes, dat hij een maand lang in die vermomming bleef rondlopen, en zo door Magere Hein in Groucho's plaats werd meegenomen op 1 april 1977. Hij was dus de enige van de Marx Brothers die de 100 niet haalde.

Zeppo Marx (30 februari 1879 - 1 april 1979)[bewerken]

Zeppo Marx

Officiële voornaam: Herbert.
De allerlaatst geboren[6] Marx Brother koos voor zichzelf een flitsende naam, en wou eigenlijk "Zippo" genoemd worden. Helaas had een sigarenaanstekerfabrikant die naam al in gebruik, en diende hij op z'n minst één letter te veranderen. Hij specialiseerde zich in folkloristische typetjes, met bijhorende tongval, en de catalogus die hij voorlegde aan theater- en filmproducers bevatte creaties zoals de "Mexicaanse Eskimo", de "Waalse Mijnwerker", de "Nederlandse Amerikaan", het "Loze Vissertje", de "Belgische Prins", en de "Russian Madman". Van de typetjes die hij aan de zijde van Chico, Harpo en Groucho vertolkte zijn vooral de "Witte van Sichem" (in de gelijknamige film uit 1934) en het "Zeeuws Melkmeisje" (in "Vertigo", 1958) bekend gebleven.

Trop is te veel en te veel is trop[bewerken]

Dat zou vader Marx gezegd hebben indien hij de Franse taal machtig en met de Belgische politiek van de XXste eeuw bekend geweest ware. Hij was geen van beide, maar werd na Zeppo's geboorte lid, en spoedig bestuurslid en zelfs een tijdje voorzitter van het "Committee Of Nervous Downbreaking Ordinary Men ", dat zich verzette tegen de "Comstock" anti-anticonceptiewetten van 1873. Hij was dus anti-anti-anticonceptie, en bleef dat tot aan zijn dood.

Notenbalk[bewerken]

  1. Biografen zijn het er nog altijd niet over eens in hoever "Freddo" als korter dan "Manfred" kan beschouwd worden, maar de meest mathematisch aangelegden onder hen plegen aan te stippen dat "Freddo" wel degelijk één (1) letter minder heeft dan "Manfred".
  2. Die konden dat moeilijk verhullen, en stonden hun lijntje tekst af te wachten met lange gezichten. Sceptici beweren dat Paramount gewoon geen geld wou uitgeven aan goede nevenacteurs.
  3. "De Terugkeer van het Spook van de Operette" (1929), "De Bruid van het Spook van de Operette" (1930), "De Zoon van het Spook van de Operette" (1931), "De Dochter van het Spook van de Operette" (1932), "De Echtscheiding van het Spook van de Operette" (1933), "De Wraak van het Spook van de Operette" (1934), "Het Spook van de Operette tegen King Kong" (1935), "Het Spook van de Operette tegen La Esterella" (1936), "Het Spook van de Operette tegen King Kong En La Esterella" (1937), "Het Spook van de Operette gaat met Pensioen" (1938), "Het Spook van de Operette tegen Der Führer" (1942).
  4. Er wás een wijziging in de behandeling van het eten: al wat koolhydraten bevatte werd vermalen tot een uniforme brij, die tussen twee stukjes sponzig deeg aangeboden werd, gedecoreerd met snippers van de compacte massa die ze verkregen door het overige voedsel te vermalen tot een even uniforme, maar iets groenere brij, en deze stevig samen te persen.
  5. Een komische prent: zeemeermannen worden erin voorgesteld als de tegenpool van zeemeerminnen, die met hun gezang mensen aantrekken.
  6. "Mama," zo placht hij wel eens te vragen in een sentimentele bui, "waarom ben ik als laatste geboren?". Snik, snotter.