OnBoeken:Relatie

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Het moeilijkste in het leven, de liefde. Iedereen krijgt er ooit mee te maken. En iets wat er daarbij eigenlijk meteen bij komt kijken is seks, tenzij je aseksueel bent, maar daar gaan we niet van uit. Dit verhaal gaat over een jongen die precies hetzelfde doormaakt, maar dan net een tikkeltje anders. Het lijkt wel of de wereld waar hij zich in bevind zich omgekeerd gedraagt als het zou moeten.

De klas[bewerken]

Het is maandagochtend, ik lig nog lekker in me bed. Me wekker staat op 11:14, ik hou er van als ik een ochtend uit kan slapen, en zeker als de andere gewoon naar school moeten. Ik zie een saaie muur voor me, en heb meteen zin om deze helemaal onder te krassen. Dat gevoel heb ik normaal nooit, misschien heeft het iets met de medicatie te maken. Medicatie? Op dat moment weet ik het weer, ik lig in een ziekenhuis. De klas zou om 12 uur op bezoek komen, en ik had nog geen ontbijt gehad. Dat kon ook niet meer, want het ontbijt kreeg je tot 11 uur. Waarschijnlijk was de zuster al langs geweest. Op het moment dat ik naar mijn bril taste en hem op deed, liep mijn moeder binnen. "Heb je al je ontbijt op?" vroeg ze zorgelijk. "Nee mam, ik lag nog te slapen, de zuster moet me vast vergeten zijn." Ze zag mijn gezicht, dat ik op "honger" had gezet, en ze liep de kamer uit terwijl ze mompelde. Waarschijnlijk was het me gelukt, en kon ik nog even in bed blijven liggen.

Een paar minuten liep ze weer naar binnen met een bord met een stuk brood. Op dat moment besefte ik pas dat ik geen honger had. Een raar gevoel was dat. Me moeder keek me aan en zag dat ik een beetje afwezig naar buiten keek. "Wat is er? Heb je geen honger meer?" Ik zweeg. "Laurens, wat is er aan de hand?" "Ik heb gewoon geen honger, maar daarnet wel. Ik weet ook niet hoe het zit." Ze zette het bord met het stukje brood, en kwam bij mij op bed zitten. "Je weet toch wel dat de klas zo langskomt?" Ik knikte. Daar zaten we toen een tijdje, zeiden niets, alleen zitten.

Toen om 12 uur de klas kwam was het al snel vol in het kleine kamertje waar ik lag. Nikki, die volgens mij een oogje op mij had, wou meteen bij mij op bed. De zuster die een beetje toezicht hield kwam met een drafje aanrennen, en zorgde er nog net op tijd voor dat het infuus dat aan mij gekoppeld lag, niet omviel. Veel klasgenoten gaven een kaartje, maar sommige ook gewoon een knuffel. Het was druk maar wel gezellig.

Er was ook een leraar mee, maar ik snapte niet echt wat hij bij mij te zoeken had. Ik mocht hem niet, hij mocht mij niet. Misschien wou ie het goedmaken, of was hij verplicht door school. Nikki zag dat ik aan het denken was. "Waar denk je aan? Of heb je pijn?" Ik antwoordde met een nee, en gaf d'r een knuffel. Ze vond het blijkbaar leuk, en zo zaten we daar een tijdje. De anderen vermaakten zich wel met elkaar, en zo werd het al snel tijd voor hun om te vertrekken. Toen ze allemaal weg waren, op de leraar na, kwam hij op mij af. "Ze mogen je blijkbaar wel, ik had verwacht dat er minder mee zouden gegaan." "Ik ben er wel blij mee" zei ik. "Misschien dat het wat teveel was, maar ik ben blij dat ze gekomen zijn." De leraar keek me een beetje vuil uit, en op dat moment wist ik weer waarom ik hem liever aan een lantarenpaal zag hangen, dan dat hij mij Wiskunde gaf. Me moeder kwam binnen, liep meteen mét hem naar buiten, omdat ze wist dat ik hem niet mocht. "Ik weet niet wat die knakker hier deed, waarschijnlijk moest hij verplicht mee van school." Op dat moment stormde hij de kamer binnen, sloeg mijn moeder naar de grond en rende weg.

?[bewerken]

"Dus als ik het goed begrijp, is er meer aan de hand dan dat ik heb begrepen?" "Ja, ik had ook wel een wapen mee willen meenemen, maar dat zou een beetje opvallen denk ik. Hoeveel mensen lopen er in een ziekenhuis nu met een wapen?" "Jammer dat het niet is gelukt." Op dat moment liepen de twee agenten, die tot dusver naast mij hadden gelopen de lerarenkamer in. Ik wees hem aan, en hij stormde recht op mij af. Ik wist dat dit ging gebeuren, de agenten wisten dat het zou gebeuren. Nog twee agenten kwamen de kamer in, en namen hem mee. De andere twee bleven in de lerarenkamer waar nog 1 leraar zat. Tenminste, dat dachten zij, maar ik wist beter. Meneer Lubbers was geen leraar, maar een rector. Ik wees ook hem aan, en ook hij werd meegesleurd door de 2 agenten. Toen ik met de agent, die de hele tijd achter me stond, naar buiten liep, kwamen een paar kinderen achter ons aan. Ze waren natuurlijk nieuwsgierig. Maar Meneer Lubbers en Meneer Flaming zaten al in het politiebusje.

Ik was op dit moment even de kluts kwijt, 2 personen van school die mijn moeder trachten te vermoorden, en hier ook nog openlijk over sproken op school. Meestal was het mijn moeder die mensen dood wenste, maar dat nam ik nooit serieus. Toen ik in het ziekenhuis lag was dat plots over, alsof er opeens een ander mens in mijn moeder zat. Met Nikki was het ongeveer hetzelfde. Ze sprak niet zoveel met mij, maar ik wist wel dat ze me leuk vond, dat wel. Iedereen in de klas bevestigde dat ook. Ik had me er eigenlijk nooit mee bemoeid. En de rector, het was altijd zo'n aardige man. Ook al veranderd. Ik snapte er helemaal niks meer van. En Daniël, die toen bij het bezoek naar me keek alsof ie verlieft was. Ik werd teruggebracht naar mijn kamer in het ziekenhuis, en viel meteen in slaap.

Bezoek[bewerken]

Lang heb ik niet geslapen, het was nog een beetje schemerig. Er liep een zuster binnen die eerst een paar keer rond mijn bed liep, en daarna zag dat ik wakker was. "Volgens mij is 'ie wakker hoor" Daniël liep de kamer in, de zuster liet ons alleen. Ik zag dat ie gespannen was, waarschijnlijk zag ie bij mij hetzelfde. Er begonnen duizenden dingen door mijn hoofd te flitsen. Zou ook hij mij dood willen hebben? Zou 'ie verlieft op mij zijn? We schrokken beide op toen opeens Meneer Flaming de kamer binnenkwam. 4 agenten stormde tevens de kamer binnen, en sprongen op hem, zodat hij op de vloer kwam te liggen. "Je gaat dood! Dood zeg ik je!" De agent die de vorige dag achter mij stond, kwam de kamer binnen. "Ze willen wel heel erg graag bij je op bezoek" zei hij. Ik knikte. "Misschien heb je iemand vermoord, of zijn ze boos omdat je een vuil spelletje hebt gespeeld." Ik schrok er van. Ik? Iemand afpersen? Iemand vermoorden? Ik schudde hevig nee, maar werd al meegenomen. Ik keek Daniël hulpeloos aan

De cel[bewerken]

Niemand kon mij helpen, want ik had geen superkrachten. En ik wou Superman niet lastigvallen met deze domme zaak. Ik kende hem goed, daar niet van. Maar om hem hiervoor te laten komen is dan ook weer een beetje overdreven. Ik liep een paar rondjes door de cel. Opeens voelde ik iets trillen. Gelukkig, ze hadden mijn mobiel niet afgepakt. Ik pakte het, en las het bericht dat Nikki mij had gestuurd. "De hele klas heeft spijt van ons bezoek, tot ooit" las ik. Opeens snapte ik er niks meer van, en dat zou ook altijd zo blijven.