OnBoeken:Tommy

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken


LeesvoerlogokleinOT.png
Deze roman behoort tot OnBoeken, de collectie inhoudsvrije tekstboeken.

Tommy is een roman gebaseerd op een (in iemands gedachten) waar gebeurd verhaal. Het heeft echter niets te maken met The Who's Tommy... tenminste het eind niet.

Hoofdstuk 1: Intro[bewerken]

Hoera! een mesje! meisje!

"Het is een meisje mevrouw Walker," zei de zuster tegen mevrouw Walker.

"Ik... ik voel me zo goed... mag ik hem meenemen naar huis?" vroeg mevrouw Walker.

"Tuurlijk," werd er geantwoord.

Mevrouw Walker ging naar huis om Tommy te wassen en te knuffelen. Ze zou het wel zwaar hebben met de opvoeding van Tommy omdat haar man al heel lang vermist was. Ondanks dit werd ze toch zwanger dankzij kunstmatige inseminatie en het zaad ven hem dat ze nog had rondslingeren in de vriezer. Mevrouw Walker vond het heel goed wat ze gedaan had en besloot het te gaan vieren met een kop koffie en een koekje.

Hoofdstuk 2: Op kamp[bewerken]

"Tommy kom je nou?" schreeuwde mevrouw Walker naar haar zoon.

"Ja ma!" riep hij terug terwijl hij de deur op slot deed.

Tommy liep naar de auto en stapte in. Moeder en zoon hadden onderweg een conversatie over Tommy's vader. Tommy wilt echt alles van hem weten. Toen moeder alles had verteld aan hem werd Tommy helemaal blij en besloot hij ook zo dood te gaan. Dood tijdens een luchtgevecht met het Vliegend Spaghetti Monster.

Moeder en zoon kwamen aan bij hun eindbestemming, het zomerkamp. Moeder stapte uit en werd meteen getroffen door de charmes van een zekere kampleider. Tijdens het gehele kamp gingen moeder en meneer de kampleider met elkaar om. Uiteindelijk besloten zij onder begeleiding van het nummer Face the Face van Pete Townshend te gaan trouwen. Tommy vond dit wel oké omdat "Ome Bernie" veel geld had om dingen voor hem te kopen. Wat dat betreft was Tommy al een kapitalist in kleine uitvoering.

Moeder, stiefvader en Tommy gingen naar huis toe.

Hoofdstuk 3: Papa?[bewerken]

"Bernie... ik wil je!" zei mevrouw Walker.

"Ik jou ook. Zullen we het doen?" was Bernies tegenvraag.

"Ja!" schreeuwde mevrouw Walker in het rond.

Toen het voorspel van stoute woordjes eenmaal was afgelopen gingen ze over tot de daad. Bernie pakte zijn winterpeen en mevrouw Walker liet twee meloenen zien. Bernie perste de wortel naar binnen terwijl hij bezig was met de meloenen. Mevrouw Walker schreeuwde het uit.

"Auw!" klonk het in de keuken.

"Wat is er liefje?" vroeg Bernie aan zijn vrouw.

"Ik heb me gesneden aan dat kutmes."

"Arme jij, kijk, hier heb je wortel-meloenensap," zei Bernie en hij af haar het glas sap. Plotseling rende er iemand de keuken in, het was Tommy's vader. Hij droeg Tommy over zijn schouder en vroeg wat dit te betekenen had.

"Niemand maakt wortel-meloenensap met mijn vrouw!" schreeuwde hij nog. Bernie werd op dat moment erg autistisch en schoot Kapitein Walker (Tommy's biologische vader) neer.

"Lul, Tommy was erbij!" zei mevrouw Walker en op dat punt gingen zowel mevrouw Walker als ome Bernie Engels praten tegen Tommy:


"You didn't hear it
You didn't see it.
You won't say nothing to no one
ever in your life.
You never heard it
Oh how absurd it
All seems without any proof.
You didn't hear it
You didn't see it
You never heard it not a word of it.
You won't say nothing to no one
Never tell a soul
What you know is the truth."


Hoofdstuk 4: Doof, dom, blind jochie[bewerken]

"Wat hebben we gedaan?" vroeg mevrouw Walker.

"Niet zo veel, we hebben alleen maar je zoon een trauma gegeven. Hij komt er wel overheen hoor." was Bernie's reactie.

Mevrouw Walker wist echter wat haar te wachten stond. Zij moest hem genezen. Helaas wist ze niet hoe. Ook Bernie wist niet wat hij kon doen voor Tommy. Tommy zei ook heel weinig. Sterker nog, hij praatte helemaal niet. Hij leek wel in zijn eigen wereldje beland te zijn. hij leek wel een doof dom en blind jochie in een stil vibratieland met muzikale dromen die niet eens zo gek klonken. Tommy was echter pas tien jaar oud, maar zijn gedachtes waren zo kaal als gedachtes kunnen zijn. Ondanks dit alles hield hij wel nog van het leven en werd hij wijs van de simpelheid.

Hoofdstuk 5: De kerk[bewerken]

"Tommy... we gaan je genezen, oke?" vroeg mevrouw Walker aan haar zoon.

Hij gaf echter geen antwoord omdat hij doof was. Moeder ging er daarom maar van uit dat hij het goed zou vinden. Moeder trok Tommy de auto in en ze reden naar een kerk toe.

Naast de kerk stond een bord waarop stond dat Eric Clapton aanwezig zou zijn en bereid was om mensen te genezen van alle kwalen. Moeder las het bord voor aan Tommy; weer geen reactie. Moeder begon pissig te worden op Tommy omdat hij nooit iets terugzei. Bijna ging moeder Tommy slaan, maar dat zou barbaars zijn. In plaats daarvan overreed moeder een oud vrouwtje dat duidelijk aan alzheimer leed. Moeder voelde zich opgelucht en parkeerde toen de auto.

Toen moeder en Tommy de kerk binnenkwamen gebeurde er niets. Tommy stond daar maar suf vooruit te kijken richting een spiegel. Eric Clapton kreeg door dat het goed mis was met Tommy en wou hem genezen. Helaas voor Tommy bleek hij een kwakzalver met een gitaar te zijn. Moeder en Tommy gingen weer naar huis toe om te balen van de kwakzalverij.

Hoofdstuk 6: Ernie[bewerken]

"Bernie, ik eis dat we uitgaan" zei mevrouw Walker tegen Bernie.

"Oke.. oke.. Ik vraag me neef Ernie wel om op Tommy te passen" was Bernie's reactie die meteen de telefoon oppakte en zijn oom belde. Net al te lang ater kwam hij al binnen.

"HiHi allemaal !" schreeuwde Ernie die stiekem was binnengekomen. "Waar is kleine Tommy die eens lekker met ome Ernie mag slapen ?"

"Weet je zeker dat hij wel helemala lekker is ?" vroeg mevrouw Walker aan hara man.

"Tuurlijk... hoop ik" en ze gingen de deur uit. Tommy zat dara maar te niksen. Glazig keek hij vooruit en ik zijn gedachte speelde hij een spelletje Monopolie met Dagobert Duck. Plotseling voelde Tommy dat zijn broekje uitging. Ome Ernie was niet lief bezig. Tommy raakte bewusteloos en zijn gedachtes brachten hem in een ver rijk.

Hoofdstuk 7: Pepperland[bewerken]

20.000 mijl onder zee, misschien meer, misschien minder, was waar Tommy zich bevond. Vrolijk luisterend naar muziek van Sgt Peppers Lonely Hearts Club Band genoot hij van de vrede. Totdat hij een stem hoorde die hem erg deed denken aan Him van the Powerpuff Girls. Het waren the Blue Meanies ! Tommy werd bang enr ende weg voor ze. De grootse Blue Meanie slurpte de kleuren weg uit Pepperland. Tommy voelde zichzelf grijzer worden. Hij rende en rende en rende en rende en rende en rende en rende en rende maar door in de hoop dat de schrijver hem met rust ging laten. Maar dit deed hij niet. Sterker nog, Tommy struikelde over het losse klittenband van zijn schoenen. Tommy had pijn en zijn kleuren werden weggenomen. Wie o wie kon hem nog helpen ? Hij begon te smeken om hulp. "Help.. i need somebody. Help.. not just anybody.. HELP!" en uit het niets kwam een gele onderzeeer met aarin the Beatles.

"How dare you! We wrote that song !" Zei John pissig.

"Yeah, we have all the rights for that song !"Zei George.

"Yeah ! and Paul wrote it and we is dead !" Zei Ringo.

"Goddammit, I'm not fucking dead !" Schreeuwde Paul uit pure woede.

"Yes you are" Zei John

"No I'm not !" Zei Paul. En zo ging dit maar door. Tommy was nog steeds grijs maar toen werd hij wakker.

"Fuck ! it was all a dream ?!" schreeuwde Tommy naar het niets. Zijn keel deed er pijn van omdat hij 3 jaar niets had gezegd.

Hoofdstuk 8: Anti-Climax[bewerken]

Tommy was pissig. Hij pakte een honkbalknuppel en sloeg Ernie naar een andere wereld. Dat niet allleen, bereide zichzelf voor op zijn dood. Niemand kon Tommy nog helpen of redden. Tommy sprong van het dak af. Krak was alles wat er nog te horen viel en Tommy was niet meer.