Onweer

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Een scheur in het tijd-ruimte-continuüm

Onweer is een natuurfenomeen waarbij op bepaalde plekken in de lucht abrubte verstoringen in de ruimte en tijd ontstaan. Deze verstoringen veroorzaken lichtflitsen en gedonder. Deze lichtflitsen worden ook wel bliksems genoemd. In feite gaat het niet om een weersverschijnsel, vandaar het woord onweer. Ofschoon er vele theorieën zijn over het verschijnsel, wordt die van Albert Einstein algemeen geaccepteerd door de wetenschap.

Theorie over ontstaan[bewerken]

Door de eeuwen heen heeft men getracht verklaringen te geven voor onweer.

Straf van God[bewerken]

In de Middeleeuwen dacht men dat onweer een straf van God was. Men dacht dat de bliksem een flits van een fotocamera was. Deze foto's zouden genomen worden door Donar, een van de drie spionnen van God. Zodra God de foto's bekeek en zondige activiteiten bespeurde, ving het gedonder aan. Als het gedonder echter uitbleef, zou men vrij zijn van zonden. De donder werd hierdoor gevreesd, getuige de uitdrukking Als de donder bang zijn voor ...

Deze Bijbel-passage toont echter aan dat het straffen niets te maken heeft:

En God sprak: "Maar, gij aardlingen, ben ik niet de altijdbezigende schepper van tijd, licht en ruimte?" Mozes verhief zijn staf en antwoordde: "Zou zomaar kunnen, ik ben er nooit bij."
~ Evangelie volgens Marcus, of hoe heet'ie

Elektriciteit[bewerken]

Maxwell beweerde enkele eeuwen geleden dat bliksem het product is van elektrische ontladingen in wolken. Bij een plaatselijke overvloed aan elektrische lading zou een soort kortsluiting ontstaan, met bliksem als gevolg. Deze theorie wordt in het algemeen verworpen. Elektriciteit vereist namelijk kolencentrales en deze zijn nog nooit in de atmosfeer waargenomen. Bovendien is het onwaarschijnlijk dat kolencentrales door hun enorme massa kunnen zweven. Wel zijn er dikwijls lange kabels aangetroffen, welke vermoedelijk restanten zijn van de schepping door het Vliegend Spaghettimonster.

Einstein[bewerken]

De algemeen aanvaarde theorie is die van Albert Einstein. Hij stelde dat bliksem het gevolg is van spontane terugwaartse sprongen in de tijd. Telkens als een bliksem zichtbaar is, gaat de tijd in de directe omgeving achteruit met stappen van enkele jaren. Proefondervindelijk heeft hij aangetoond dat tijd hierdoor niet universeel, maar juist relatief is. Dit verklaart ook dat de donder nooit tegelijk met de bliksem kan voorkomen.

De tijd die hierdoor verloren gaat, wordt volledig omgezet in warmte. De temperatuur van een bliksem kan hierdoor oplopen tot wel een miljoen graden celcius. Om deze reden worden de zomers als warmer ervaren dan de winters.

Over het geboortejaar van Einstein wordt overigens nog druk gespeculeerd. Het staat vast dat hij in de toekomst geboren is. Door zijn veelvuldige waarnemingen aan de bliksem, is hij gedurende zijn leven vele jaren, zo niet eeuwen, achteruit gegaan.

Voorwaartse sprongen[bewerken]

Er wordt ook gesuggereerd dat onweer een voorwaartse sprong in de tijd kan veroorzaken, door middel van zogenoemde positieve bliksem. Deze theorie wordt weinig serieus genomen. Voorstanders wijzen er echter op dat men in geval van een positieve bliksem naar een verlichte toekomst geteleporteerd wordt, waardoor bewijs ervoor onmogelijk in het heden gevonden kan worden.

Formule[bewerken]

Aan de hand van het tijdsverschil tussen bliksem en donder stelde Einstein de volgende formule op:

T = Δt * c

Hierbij is:

  • T de teruggang in de tijd in jaren,
  • Δt het tijdsverschil tussen bliksem en donder in seconden,
  • en c de lichtsnelheid.

Hieruit kan men concluderen dat voor iedere seconde tijdverschil de tijd in de directe omgeving 9,5 jaar terug zal lopen. Ooit is in Urk een bliksem waargenomen waarvan de donder 10,2 seconden later kwam. Experimenten hebben aangetoond dat men in Urk inderdaad zo'n 97 jaar terug in de tijd leeft. De vele onweersbuien in Tzatzikistan zorgen ervoor dat het land nauwelijks met de tijd mee gaat.

Wat niet te doen bij onweer?[bewerken]

Sommige activiteiten worden gedurende onweer afgeraden:

  • Neem tijdens onweer geen douche. Dit is onnodig, aangezien men heel vroeger ook geen douche had, en dus toch al verschrikkelijk stonk.
  • Ook toiletbezoek wordt afgeraden, tenzij men te veel vergeten groenten genuttigd heeft.
  • Schuilen onder een boom wordt ontmoedigd: er zijn immers vele andere bomen.
  • Pannenkoeken bakken: bij een nabije blikseminslag kan men zijn vingers branden aan het beslag.