Spreekwoord

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken
SWT10.JPG
Een spreekwoordelijke mythe.
~ Confucius over Egypte.
Met een spreekwoord in de mond sport je gans de wereld rond!
~ Johan Cruyff in nood aan literaire erkenning.

Een spreekwoord is een van oorsprong Oud-Egyptische manier om ongeletterd volk levenswijsheid mee te geven die gehoorzaamheid aan het gezag garandeert, of dat toch probeert. De meeste populaire spreekwoorden die als "oud Chinees" worden beschouwd, zijn terug te voeren op Oud-Egyptische originelen. Het eveneens Oud-Egyptische woord "spreekwoord" werd na de val van de laatste Dynastie van Egypte vervangen door andere woorden, terwijl het begrip werd verspreid in andere taalgemeenschappen, om pas in de XVIIde eeuw terug te keren in de Nederlandse taal.

In den beginne was het spreekwoord[bewerken]

Dit artikel gaat over een uitvinding.
Namelijk:
Spreekwoord.
Spreekwoord is uitgevonden door Izbourq de Getekende
conform het universeel recht op uitvinden.

Vóór het ontstaan van het schrift, dat de mens toeliet om zijn bevindingen en theorieën vast te leggen, diende men de wijsheden des levens te onthouden. Omdat ook toen al niet iedereen over dezelfde intellectuele capaciteiten beschikte, ontstond kort na het verschijnen van de homo Sapiens de traditie om de meest levensnoodzakelijke wijsheden en onontbeerlijke wistjedatjes in gemakkelijk te onthouden zinnen te gieten, die door hun ritme, metrum, rijm, kwinkslaggehalte en/of andere opvallende kenmerken, en vooral door hun beknoptheid, zelfs aan de verstandelijk minst bedeelde mens kennis konden doorgeven. Dit primitief literair verschijnsel had nog geen naam, omdat filologie toen nog tot de sciencefiction werd gerekend, en dus niet serieus werd genomen. Het repertoire was beperkt tot seizoensgebonden gebeurtenissen en gedragsregels, alsmede, vooral na de ontdekking van het vuur, recepten.

Transcriptie van een vroeg, "pre-bestuurlijk" spreekwoord, vermoedelijk al in zwang op het Egyptische platteland tussen 4000 en 3000 vóór C.

Wie beitelt, die blijft[bewerken]

Oorspronkelijk werd over dit procedé niet nagedacht: het ontwikkelde zich puur instinctmatig. Het kan dus stof tot nadenken opleveren voor de moderne reclamejongens, dat de allereerste slogans[1] spontaan én gratis ontstonden. Pas in het Oude Egypte werd de kwestie voor het eerst rationeel benaderd, omdat de heersende elite het eigenlijk wel handig vond dat de grote massa geen toegang kreeg tot schrift, en zuiver met goed uitgekiende en oordeelkundig gedoseerde spreekwoorden door het leven ging. Dat uitkienen en doseren zou dan natuurlijk van de overheid uitgaan, die niet alleen de gepaste spreekwoorden opstelde of uit al bestaande uitkoos, maar ze ook noteerde. Door middel van hiëroglyfen, want verder waren ze nog niet met hun schrift: een artistiek interessant procedé, dat oorspronkelijk enkel met beitels in steen, en pas eeuwen later met kleurig geverfde tekeningen op steen, en nog later op papyrus, werd uitgevoerd.

Transcriptie van een typisch "bestuurlijk" spreekwoord, gedateerd omstreeks 1600 vóór C.

Spreekwoorden zijn zilver, hiëroglyfen zijn goud[bewerken]

Het was Farao Izbourq de Getekende, die omstreeks 3100 vóór C. het licht op groen zette[2] voor het hiëroglyfisch vastleggen van spreekwoorden, met de onderliggende gedachte dat alleen de geletterde[3] elite toegang zou hebben tot die wijsheid, en ze ook samenstelde en zorgde voor doordachte verspreiding. In hiëroglyfen wordt het begrip "spreekwoord" weergegeven door een mond boven een veer: de mond staat voor het spreken, de veer voor het (geschreven/getekende) woord. In de oudste hiëroglyfen vindt men onder het mondsymbool andere symbolen dan de veer, en die houden dan verband houdt met de inhoud van het spreekwoord. Deze praktijk werd, met het voortschrijden van de Egyptische beschaving, geleidelijk vervangen door het meer algemene en abstracte symbool van de veer, zodat de uitdrukking voor alle, en niet voor één specifiek spreekwoord kon gebruikt worden. Indien nodig kon het spreekwoord in kwestie verderop in de tekst gedetailleerd worden.

Transcriptie van een spreekwoord dat sinds de Ming-dynastie in China van toepassing is, maar duidelijk de geest van de 18de Dynastie van Egypte ademt.

Met een spreekwoord zegt de zot de waarheid[bewerken]

"Kennen jullie die van die twee Ieren?" Zo begon Farao Ahmose I in 1550 vóór C. de beroemde speech waarmee hij een nieuw regeringsjaar, een nieuwe Dynastie (de 18de, om precies te zijn), het Nieuwe Rijk en een nieuwe wending in het opstellen van spreekwoorden inluidde. Vanaf dat jaar mocht er jaarlijks één spreekwoord gemaakt worden, dat louter op luim en amusement gericht was. Latere farao's probeerden het humorgehalte van dit jaarlijkse schertsspreekwoord te verdoezelen door er tóch nog één of ander advies in te verstoppen, maar formeel bleven ze goed herkenbaar, en zijn nog steeds een bron van jolijt voor elke egyptoloog die er één ontdekt.

Spreekwoorden zijn niet noodzakelijk van humor gespeend.

Zoals het beiteltje in Egypte tikt, tikt het nergens[bewerken]

Vrije vertaling: "Een Chinees strijkt naast u neer? Man, uw spreekwoord is de peer!". Een zeldzame vermelding van een Oud-Egyptisch gewaarworden van Chinees kopieergedrag. Tevergeefs.

Heden ten dage is China bekender als leverancier van (vooral oude) spreekwoorden, maar recent onderzoek[4] heeft aangetoond dat de meeste Chinese spreekwoorden oorspronkelijk Oud-Egyptisch zijn, en terug te vinden zijn op inscripties op sarcofagen, piramides en andere graftombes.

Klapt de sfinx uit de biecht?[bewerken]

De oude Egyptenaren waren zich bewust van het kopieergedrag van deze Verre-Oosterlingen: daarvan getuigt op z'n minst één hiëroglyfisch weergegeven uitspraak hieromtrent. Ze slaagden er echter nooit in om hun intellectueel eigendomsrecht te laten gelden: elke poging in die richting liep uit op twee- en meerdracht tussen de betrokken partijen. Het grootste struikelblok zat hem precies in de exclusiviteit van de spreekwoorden, die verondersteld werden enkel door de elite opgesteld en vastgelegd te kunnen worden: om eigendomsrecht te laten gelden hadden ze in geschreven vorm openbaar gemaakt moeten worden, en dat druiste in tegen het hele systeem. De hiëroglyfen waren immers niet toegankelijk voor Jan en alleman. Lijdzaam moesten de Egyptenaren toekijken hoe zorgvuldig geïntegreerde Chinezen de spreekwoorden die ze hoorden, optekenden in hun eigen taal. Niemand kon bovendien controleren wat ze opschreven, want wat er op die vreemde substantie, die achteraf papier bleek te zijn, geschreven stond was voor elke Egyptenaar Chinees.

De tijd van gaan is gekomen[bewerken]

In 344 vóór C. kwam Farao Toet-Tei-Teu-Toe van de 30ste Dynastie op het idee om de spionnen op te zadelen met valse spreekwoorden, door ervoor te zorgen dat ze enkel spreekwoorden konden optekenen uit de mond van zorgvuldig voorbereide agenten. Doordat deze valse spreekwoorden, die vondsten bevatten als

Het Spaanse graan heeft de orkaan doorstaan.
~ Vals oud Egyptisch spreekwoord.

en

De kat krabt de krullen van de trap.
~ Vals oud Egyptisch spreekwoord.

onvermijdelijk onschuldige Egyptische burgers ten gehore kwamen wanneer een agent een Chinese spion op straat van een nepinformatie voorzag, verspreidde deze nonsens zich onder de bevolking, en tot overmaat van ramp nam deze die sneller aan dan met de reguliere spreekwoorden het geval was geweest. Het verval liet niet op zich wachten: een jaar later viel Egypte in handen van de Perzen, die de 31ste en tevens laatste Egyptische Dynastie stichtten. Een decennium later maakte Alexander de Grote komaf met het millennia oude systeem van Egyptische Dynastieën. Oud-Egypte trad de wereld der legendes in.

Transcriptie van een spreekwoord dat waarschuwt voor namaak. Vergeefs, zo is gebleken.

Elk spreekwoord klinkt zoals het verstrekt is[bewerken]

Het woord "spreekwoord" werd pas in de Nederlandse taal geïntroduceerd in de XVIIde eeuw, en was oorspronkelijk bedoeld als sarcastische benaming van de toen erg in de mode zijnde moraliserende zinnetjes aan het einde van al even moraliserende fabels en allerhande rijmwerk, zoals dat van Jacob Cats.

Het spreekwoord kwam, verdween, en kwam weer[bewerken]

Wie enige notie heeft van elementaire taalkunde, weet dat, behalve in de hedendaagse Nederlandse taal en in de Oud-Egyptische hiëroglyfen, het woord "spreekwoord" nergens voorkomt. Dat klopt: het verdween samen met het gebruik van hiëroglyfen, en het begrip kreeg andere benamingen in andere talen, een beweging die zich zoetjes golvend verspreidde vanuit Egypte. Het was de eminente doch eenzame egyptoloog[5], Peter-Frans Rozet, die het woord ontdekte tijdens één van zijn reizen naar Egypte, en er het middel in zag om zijn afkeer van moraliserende slogans te spuien, door er de in onze taal evidente woordovertolligheid tegenaan te gooien. Het woord sloeg aan, niemand zag er enige overtolligheid in, en men begon het toe te passen op uitdrukkingen die tot dan toe "gezegde" of "spreuk" genoemd werden. Rozet daarentegen raakte voor immer in de vergetelheid.

't Is maar een spreekwoord[bewerken]

De algemene aanvaarding van het begrip "spreekwoord" in de Nederlandse taal bracht ook een eerste classificatie van verwante begrippen met zich mee. Uitdrukkingen werden onderverdeeld in

  • Spreekwoorden: uitsluitend gemaakt door machthebbers, en door hen in de gepaste doseringen verstrekt aan ongeletterde onderdanen. Door de spreekwoorden een archaïsch tintje te geven, raakte het plebs er snel van overtuigd dat ze sinds mensenheugenis in omloop, toegepast, en dus perfect functioneel waren.
Een citaat is geen spreekwoord.
~ Dienstmededeling van het Oud-Egyptisch Spreekwoordenbureau, omstreeks 900 vóór C.
  • Spreuken: in tegenstelling tot de "bestuurlijke" spreekwoorden, zijn spreuken wel degelijk oeroud, en slaan dan ook nergens op. Ze worden vooral gebruikt door ouden van dagen, die op die manier een aura van wijsheid krijgen.
't Zijn zotten die werken.
~ Antwerpse spreuk.
  • Gezegdes: nauw verwant met de spreuken, zijn gezegdes vooral gebaseerd op grappige uitdrukkingen van kortstondig literair bevlogen medeburgers, die doorgaans neerkomen op het intrappen van open deuren. Ze zijn, mede door hun vaag- en/of algemeenheid, vooral nuttig om een antwoord klaar te hebben wanneer een onverwachte of moeilijke vraag gesteld werd. De gebruiker laat het gezegde meestal voorafgaan door de zin "Ik zeg altijd...".
Ik zeg altijd: wie iets zegt houdt op met zwijgen
~ Gronings gezegde.
  • Zeispreuken: eigenlijk een ondersoort van de gezegdes, vallen zeispreuken vooral op door het gebruik van de directe rede, aldus een al dan niet bestaande auteur eraan toekennend. Ze werden (en worden nog steeds) gebruikt om een stilvallende conversatie op te krikken door het laatste onderwerp op totaal absurde wijze te becommentariëren.
't Zijn lappen, zei het varken, en 't keek naar zijn oren
~ West-Vlaamse zeispreuk.
  • Citaten: een zijsoort van de zeispreuken, waarin het verschil zit in de identificatie van de auteur. Die wordt voluit genoemd, los van de uitdrukking, meestal achteraan, tenzij de spreker wil opscheppen met literaire kennis en begint met iets als "Om het met Cicero te zeggen...". De citaten worden voornamelijk gebruikt door wie een magere argumentatie wat meer gewicht wil geven, en zijn niet noodzakelijk gerelateerd aan het onderwerp ter discussie.
Om het met mezelf te zeggen: het citaat is de reddingsboei van de zwakke redenaar
~ Cicero over het citeren van Cicero.
  • Boutades: zó weinig verwant met de eerder genoemde begrippen, doordat de spreker meestal niet alleen zelf de auteur ervan is, maar bovendien aangeeft dat wat hij gaat zeggen "maar een boutade is", en dus met de spreekwoordelijke korrel zout moet genomen worden, dat nog weinig experts de boutade in een lijst als deze opnemen. Maar Oncyclopedia wil garant staan voor precisie en volledigheid.
Om het met een boutade te zeggen: boutades zijn niet meer dan boutades.
~ Jean-Marcel Boutade over het naar hem genoemde begrip.
Soms wordt een spreuk of gezegde door bestuurlijke machten efficiënt genoeg geacht om als spreekwoord te dienen.

Niks nieuws onder de Verlichting[bewerken]

In de XVIIIde eeuw begint de Europese man in de straat, ondanks alle belemmeringen van bovenaf, tóch langzaamaan geletterd te raken, en wordt het gebruik van spreekwoorden teruggebracht tot zijn oorspronkelijke dimensie. Vooral na de Franse revolutie beperkt zich het daadwerkelijk gebruik van spreekwoorden voornamelijk tot de plattelanders, die er hun vakkennis mee doorgeven aan jongere generaties. Maar die Verlichting blijkt niet universeel: in landen waar ze (nog) niet is doorgedrongen, blijft ook nog heden ten dage het spreekwoord als bestuursmiddel toegepast, zoals in Noord Korea, landen met een staatsgodsdienst, en, nota bene, China en Egypte.

Ruraal spreekwoord daterend van na de Franse Revolutie.

Spreekwoorden vertalen is spreekwoorden verraden[bewerken]

Niet alle onvertaalbare korte teksten zijn elitaire spreekwoorden: dit stuk tekst, in een XVde-eeuwse codex in het Letterkundig Museum van Bakoe (Azerbeidzjan), bleek uiteindelijk een recept voor pistache-ijs te zijn.

Na de ondergang van de laatste Dynastie van Egypte heeft, doorheen de verdere geschiedenis van het spreekwoord, elke administratie die bestuurlijk gebruik maakte van spreekwoorden, ervoor gezorgd dat een deel ervan zodanig was opgesteld dat het niet kon vertaald worden naar een andere taal, aldus geheimhouding verzekerend. Deze categorie spreekwoorden worden doorgaans met de term "elitaire spreekwoorden" aangeduid, omdat ze voorbehouden zijn aan een bestuurlijke elite, die ervoor zorgt dat de te besturen menigte wel weet wat ze betekenen, maar niet geschoold genoeg is om er een vertaling van te maken. In dergelijke landen worden buitenlanders die de taal machtig zijn, dan ook zeer argwanend behandeld, en onder streng toezicht van vriendelijke "gidsen" gesteld. De methode heeft er wel voor gezorgd dat een heleboel onvertaalbaar geachte teksten, zoals het Voynichmanuscript, soms iets te snel als verzamelingen van dergelijke spreekwoorden werden aanzien, terwijl het bijvoorbeeld om receptenboeken of liedbundels bleek te gaan. Dergelijke misverstanden worden welwillend in stand gehouden door autoritaire, zich van spreekwoorden bedienende regimes, die op die manier een rookgordijn optrekken rond de minder lovenswaardige aspecten van hun bestuur.

De vertaalbaar geachte hedendaagse "bestuurlijke" spreekwoorden hebben een erg cryptisch karakter: de inwoners weten wat hen te wachten staat indien zij de verborgen aanmaning niet respecteren, een buitenlandse observator ziet enkel een pittoreske uitdrukking, die hij zelfs grappig kan vinden.

Een blik over de spreekwoordelijke heg werpen[bewerken]

SWT20.JPG

Ook voetnoten kunnen hard om kraken zijn[bewerken]

  1. Een term die overigens genoemd wordt naar de Stephen Logan, een Ierse visverkoper wiens naam als "S.Logan" boven zijn kraam stond gespeld, en die omstreeks 1700 beroemd was omwille van zijn minstens wekelijks vernieuwd repertoire aan slagzinnen, die zeer gemakkelijk bleven hangen in de geheugens der marktgangers, en uiteindelijk deel gingen uitmaken van het collectief geheugen. Zinnen als "Boter bij de vis", "Zo gezond als een vis", "De boer eet vis als het spek op is" en "Blijf kalm, eet zalm" werden door hem de wereld in gestuurd.
  2. Een spreekwoordelijk geworden uitdrukking die ten onrechte laat veronderstellen dat de Oude Egyptenaren al over gekleurd licht en/of gekleurd glas beschikten, terwijl ze voor hun verkeersregeling gewoon gekleurde bollen gebruikten, waarop de zon haar licht liet schijnen. De vereenzelviging van de farao met dit hemellichaam, gecombineerd met diens autoriteit betreffende het goed- of afkeuren van wetsvoorstellen, heeft veel bijgedragen tot dit misverstand.
  3. Egyptologen met noties van filologie verkiezen de term "getekend" boven "geletterd", omdat zij hiëroglyfen niet als letters beschouwen.
  4. Aan dit onderzoek werd onder andere meegewerkt door, hoe kon het ook anders, Professor W. Druyff. Zijn voorlopige bevindingen zijn terug te vinden in het boekje "Glief of grief? De Oud-Egyptische aanspraken op Chinese spreekwoorden nader bekeken", in 2017 uitgegeven bij Uitgeverij Den Dampenden Darm te Zevergem.
  5. Zijn eenzaamheid, en volgens sceptici ook zijn eminentie, was te wijten aan de omstandigheid dat het erudiete deel van de mensheid zich pas in de XIXde eeuw ging toeleggen op egyptologie. Een onbegrepen pionier dus. Nóg een.
SWT22.JPG
Dit is een
Pieperster4.png
PEEN