Veldrijden

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Veldrijden2012.JPG
Van mij' veld, godmiljaarde!
~ Een ontevreden boer tegen een jongeling die nog nooit in Petegem-aan-de-Leie is geweest.

Veldrijden is een typisch Vlaamse sport waarbij wielrennen en hardlopen op een voor een buitenstaander onbegrijpelijke wijze gecombineerd worden. De onbegrijpelijkheid schuilt vooral in het feit dat de sporters een fiets gebruiken op plaatsen waar men vooral met zo'n vehikel best wegblijft, en wanneer rijden onmogelijk wordt tóch nog verder rennen met het toestel op de rug.

Ontstaan[bewerken]

"The Helmed Horror" (rechts in beeld) rijdt zich vast: een historisch beeld opgenomen en uitgezonden op een nog in de kinderschoenen staande BBC, in 1938.

Veldrijden ontstond op 13 maart 1938 door een hilarisch voorval in een al even hilarisch milieu: het worstelen, meer bepaald de discipline moddercatch. Dat jaar had het wereldkampioenschap in Vlaanderen plaats, en wat daar gebeurde laat zich beter appreciëren in de tegenwoordige tijd:

  1. de Amerikaanse landskampioen Archibald Douchebag, komt als "The Helmed Horror" de Vlaamse titelverdediger Kevin Draednaeghel, alias "Jan Breydel", uitdagen door op een fiets de ring op te rijden;
  2. The Helmed Horror rijdt zich vast in de modder;
  3. hij laat zijn fiets achter en achtervolgt de Jan Breydel te voet;
  4. bij de volgende passage raapt de Vlaming de fiets op, en komt, tegen alle logica in, sneller vooruit met het ding op z'n rug;
  5. hij haalt de hem achtervolgende Amerikaan in, en geeft hem een dreun met de fiets;
  6. Jan Breydel wordt wereldkampioen modderworstelen 1938;
  7. onder het laaiend enthousiaste publiek bevond zich dhr. Wilfried Bollekens, voorzitter van de Vlaemschen Wielrydersbond.

Dit laatste is van groot belang voor de hier behandelde sport: het Vlaamse wielrennen zat al jaren in het slop, omdat het publiek liever naar de bioscoop ging, en deze moderrige affaire bracht hem op het idee om zoiets in openlucht te doen, in het veld. Niet met de bedoeling om dreunen uit de delen met fietsen, maar om half lopend, half fietsend doorheen een modderig parcours ergens als eerste te geraken. Het veldrijden was geboren, en de natte zomer van dat jaar was een geschenk uit de hemel, tot grote consternatie van de bioscoopuitbaters, die gewoon waren om vooral bij slecht weer veel klanten aan te trekken.

Regels[bewerken]

De Tsjech Zdenek Štybar tijdens het "publieksdeel" van 2010, in Vilvoorde: bandjes om het lijf, stuurtje veilig uit de weg op het helmpje, en hop!

De regels voor deze nieuwe discipline werden vastgelegd in het najaar van 1938, en één der opmerkelijkste initiatieven was het bepalen van de tijdsduur van een parcours in plaats van de lengte: hoe lang ook het parcours is, een wedstrijd duurt maar één uur. Wie na een uur nog actief is, en de grootste afstand heeft afgelegd, is dus de winnaar.

Open en gesloten circuit[bewerken]

Deze opvallende regel heeft als gevolg dat er voor de organisatoren altijd de keuze is tussen het aanleggen van een open of een gesloten parcours. Bij het eerste wordt erop gerekend dat geen enkele deelnemer binnen het uur het einde van het parcours haalt, bij het tweede leggen de beste veldrijders het parcours meer dan één keer af, de zwakkere rijders aldus inhalend. Deze laatste, en vooral in het kleine Vlaanderen meest populaire optie wordt, logischerwijze, een "omloop" genoemd. In tegenstelling tot bij wielrennen op de weg, is er dus geen eindstreep, en tot in 1958 was het zelfs de gewoonte dat een ploegje gemeente-arbeiders paraat stond om de drie delen van het erepodium na het bewuste uur naar de plaatsen te brengen waar respectievelijk de eerste, de tweede en de derde geëindigd waren. Omdat de Wereldtentoonstelling van 1958 heel veel buitenlandse veldrijliefhebbers aantrok, en men vreesde dat deze traditie wat ouderwets en zelfs belachelijk zou lijken in het licht van het "modernisme" van de tentoonstelling, werd beslist om het gehele podium op de meest centrale plaats van de omloop op te bouwen, en de eerste drie "renners" daarheen te brengen. Die beslissing werd unaniem als positief ervaren, en sindsdien wordt er steeds met een "centraal" podium gewerkt. In dat aan de "moderne mens" gewijde jaar werd de Bond ook hernoemd naar "Wielerbond Vlaanderen", in de "Spelling '54".

Obstakels[bewerken]

Behalve de bodemgesteldheid, de belangrijkste moeilijkheidsfactor bij het veldrijden, werd van in het begin ook beslist om op het parcours verplichte obstakels aan te brengen, steeds dezelfde, maar niet noodzakelijk in dezelfde volgorde. Vanaf 1947 werd, na jarenlang aandringen van het publiek, eindelijk besloten om jaarlijks ook een "publieksdeel" in te lassen: een obstakel dat via een enquête door de fans aan het einde van het voorgaande seizoen gekozen wordt. De vaste obstakels zijn:

  • Hek (open hindernis)
  • Poort (gesloten hindernis)
  • Steilsprong
  • Muur
  • Bunker
  • Water Hazard
  • Sloot
  • Oxer
  • Bar de Spa

De "Bar de Spa" is er pas bijgekomen in 1952, en komt niet voor in de internationale competitie: het was toen het publieksdeel, en zo populair dat het het jaar nadien opnieuw gekozen werd, wat de Bond ertoe aanzette om er een vast onderdeel van te maken. De uitdaging bestaat uit een heuse cafébar (de naam "Spa" is een ondeugende knipoog naar geheelonthoudende sporters) waar de veldrijders tien verschillende Belgische bieren moeten proeven, en het is duidelijk waarom die proef er buiten dit bierland niet bij is: enerzijds hebben Belgische deelnemers een genetisch bepaalde fysieke en culturele voorsprong, en anderzijds is dat voor organisatoren buiten België een te dure zaak. Het gaat immers altijd om bieren van hoge gisting, en die zijn niet gratis.

De simulatiehal van de Vlaemsche Wielrydersbond in 1946, bijna volledig heropgebouwd: nog één ventilatieschouw te gaan.

Weersomstandigheden en seizoenen[bewerken]

Een derde moeilijkheidsfactor is het weer, en hierin wijkt veldrijden sterk af van zowat alle andere openluchtsporten: een parcours moet nat zijn, en wordt meestal pas goedgekeurd wanneer het ter plaatse minstens drie dagen achtereen geregend heeft. Indien de omloop droog is, en de organisator niet over de middelen beschikt om de modder kunstmatig aan te maken, dan wordt de wedstrijd geannuleerd. Alleen bij internationale wedstrijden wordt wel eens overgegaan tot het uitstellen van de krachtmeting, wanneer de weerman aanhoudend regenweer voorspelt. Er zijn evenveel veldrijseizoenen als er seizoenen zijn: het zomerseizoen, het herfstseizoen, het winterseizoen, en het lenteseizoen. Het zomerseizoen opent het veldrij-jaar, dat dus "te paard" zit op het burgerlijk jaar, en net zoals het schooljaar met twee jaartallen wordt aangegeven.

Geheime wapens[bewerken]

Om de goede start in 1938 niet weg te gooien, werden er al vroeg plannen gemaakt om geïnteresseerde sportievelingen van buiten Vlaanderen een stap vóór te blijven, en zodoende toch één sport te hebben waarin Vlamingen meester waren.

De bodem van de wereld in kaart[bewerken]

Een voorbeeldje van de cartografische inspanningen ten behoeve der Vlaamse veldrijders: één der strikt geheime kaarten, in dit geval de WBVCCV0001, bevattende het Vlaamse land zelve.

Al in de lente van 1939 begonnen vrijwilligers van de Vlaemschen Wielrydersbond" het Vlaamse land af te schuimen om de bodemsamenstelling in kaart te brengen. Dankzij dit werk konden Vlaamse veldrijders zich voorbereiden op wedstrijden alle mogelijke bodemsoorten, te meer daar zij bij de aankondiging van een wedstrijd meteen konden nagaan hoe de bodem daar was samengesteld, zonder zich ter plaatse te moeten begeven. Want parallel aan de cartografische activiteit kwam nog een ander project van de grond: bodemsimulatie.

De bodem van de wereld in huis[bewerken]

De Vlaamse veldrijder Sven Nys tijdens zijn training voor het Wereldkampioenschap van 2011, in een simulatie van de verraderlijke Bayou Water Hazard van Florida.

In het najaar van 1939 werd in Petegem-aan-de-Leie (Deinze) aan de oever van die vermaarde rivier een enorm gebouw opgetrokken dat sindsdien wereldwijd er- en herkend wordt als een ikoon van het Vlaamse landschap: de simulatiehal van de Vlaemsche Wielrydersbond, waarin veldrij-omlopen in alle in kaart gebrachte bodemtypes konden gesimuleerd worden, alsook de verschillende weertypes. De hal valt vooral op door de vier hoge, witte schouwen die de hoeken van het gebouw sieren. Deze schoorstenen zijn er eigenlijk geen: het zijn gewoon groot uitgevallen ventilatieschachten, die het gebouw moeiteloos laten opgaan in de industriële architectuur van de omgeving. Wat daar gebeurt is immers zeer geheim, en het gebouw is enkel toegankelijk voor wie aangesloten is bij de bond, én veldrijder is, of een hoge post in de bond bekleedt. Wie hier komt trainen kan, mits eenvoudige aanvraag (minstens één week vooraf) eender welk parcours waar ook ter wereld laten nabouwen, om zodus een optimale training te kunnen opbouwen.

De hal werd in 1944 door geallieerde piloten aanzien voor een Duitse munitiefabriek, en gebombardeerd. Maar in 1946 stond de hal er weer alsof er niets gebeurd was, mede dankzij de genereuze giften van veldrijminnend Vlaanderen, dat volgens insiders de ongestraft gebleven dynamitering van de IJzertoren, eerder dat jaar, wou compenseren.

Tot de meest spectaculaire reconstructies behoort ongetwijfeld die van de Bayou Water Hazard in 2011, ter voorbereiding van het Wereldkampioenschap in Florida. Op aandringen van de dierenbeschermingsvereniging GAIA werden in de simulatie geen krokodillen[1] gebruikt, wat ervoor zorgde dat Sven Nys als enige Vlaming het Wereldkampioenschap overleefde, en ten koste van een op dat detail na voor het grijpen liggende overwinning: hij haalde zelfs het erepodium niet.

Toekomst van het veldrijden[bewerken]

Door het intens betonneren en asfalteren van de Vlaamse landschappen, wordt het steeds moeilijker om goeie wedstrijdlocaties te vinden. Pessimisten voorzien dat binnen de twintig jaar van het Vlaamse veldrijden alleen nog de simulatiehal zal getuigen, en de dankzij die hal nog steeds behaalde overwinningen door Vlaamse veldrijders in het buitenland. Diezelfde pessimisten houden echter ook nog een argwanend oogje op China waar men vermoedelijk ook al bezig is met het bouwen van een simulatiehal. Zij hebben daar ervaring in: zo worden pingpongers die tegen de Belgische legende Jean-Michel Saive moeten spelen, voorbereid door spelers die exact de stijl van deze man kunnen imiteren. Dat een doorsnee Chinees niet eens het woord "cyclocross", de internationale term voor veldrijden, kan uitspreken, is diezelfde Chinees wolst.

Een positieve noot, is dat de zo goed als ononderbroken reeks Vlaamse overwinningen in het veldrijden, althans tot de beruchte krokodilkwestie, de "asfaltridders" moreel verplicht heeft om er meer werk van te maken, en menig "Flandrien" heeft zijn inspiratie uit het veldrijden gehaald. Optimisten voorspellen dat het verdwijnen van het veldrijden uit Vlaanderen een onstuitbare opbloei van het Vlaamse wielrennen-op-de-weg zal inluiden.

Potatohead aqua.png
Aan de schandpaal genageld!
Vastgenagelde versie:
16 januari 2012
Dit artikel is een verschrikking! Daarom is het vastgenageld aan de schandpaal zodat iedereen er rotte groenten tegenaan kan gooien.



Notenbalk[bewerken]

  1. Volgens sommige verdedigers omdat het "alligators" moesten zijn in plaats van krokodillen, maar dat wordt door elke liefhebber vanb veldrijden als haarkloverij bestempeld.