Wijn

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Wijnproeven.JPG
Als de wijn is in de man, is de wijsheid in de kan. Als de wijn is in de vrouw, dan betaalt de man zich blauw.
~ Drs. P over zijn favoriete drank.
Kapiteins drinken rum.
~ Kapitein Overduidelijk over zijn favoriete drank, en duidelijk niet over wijn.

Wijn is een drank die ontstaat door het laten rotten van afval gisten van diverse ingrediënten. Om te voorkomen dat scrupuleloze gifmengers zouden proberen om wijn te maken van vanalles en nog wat, bepaalt een uit 12° vóór C. stammend Zuiverheidsgebod de hoedanigheid van deze ingrediënten. Deze ingrediënten bepalen niet alleen de smaak, maar ook en vooral de kleur van de wijn, die van oudsher sinds het begin van onze jaartelling opgesplitst wordt in drie categorieën: wit, roze en rood. Pogingen om groene, blauwe en grijze wijnen te creëren stuitten ofwel op volkse afwijzendheid, ofwel op professionele tegenstand, en meest nog op beide, en resulteerden in dramatische levenseindes variërend van verdrinking in wijwater tot spiesen met een kurkentrekker. Men zou zich voor minder aan de traditie houden.




Dit artikel is winnaar van de
Zomerkomkommereen.png

Zomerkomkommer 2010

Geschiedenis[bewerken]

Wijn heeft altijd bestaan, en er wordt wel eens gekgeschoren gegekscheerd dat men vroeg of laat ergens een wijnvat zal opgraven dat dateert van vóór het verschijnen van de Homo Sapiens. Commercieel ingesteld als zij waren, hebben de oude Grieken als eersten het economisch nut ingezien van het claimen van wijn als een uitvinding, en omdat er tóch niemand anders geïnteresseerd was, introduceerden zij omstreeks 1670 vóór C. het witte-wijnlabel "Retsina", dat nog steeds bestaat. Hun gebrek aan interesse voor rode wijn brak hen zuur op toen in 1670 na C. men in Frankrijk deze variëteit officieel "Bordeaux" ging noemen, naar de kleur ervan, en men daar niet alleen de dranknaam vastlegde, maar bovendien ook nog de grootste wijnstreek én de hoofdstad ervan naar de splinternieuwe wijnnaam ging noemen. Het initiatief kende een onverwacht groot succes, dat de droevige economie van Frankrijk opvijzelde, ten detrimente van de Griekse, waar men tot dan toe goed gewijnboerd had.

Bezoekers van het beroemde "Château La Pompe" moeten altijd even slikken wanneer zij het gebouw voor het eerst aanschouwen.

A.C.[bewerken]

Vooral tijdens de Eeuw der Verlichting[1] werd wijn zo populair, dat er een ware rage ontstond om een klinkende naam vast te leggen voor een wijn, een streek, een stad. In deze eeuw ontstonden namen als "Beaujolais", "Chianti" en "Liebfraumilch". Omdat ook toen al wijndrinkers zich verheven voelden boven hun medemensen, vooral na een paar flessen, werd de eenzelvigheid van etiket en overeenstemmend domein niet zomaar aan een wit, roze of rood groen documentje toevertrouwd: het flesetiket vermeldt sindsdien "Appellation Contrôlée", met alle accenten erop en eraan. Een sociaal verschijnsel, tot dan toe enkel sluimerend in der mensen harten aangetroffen, ontwikkelde zich toen parallel aan de wijn: het snobisme.

Snobisme[bewerken]

Meer dan welk consumptiegoed ook zet wijn aan tot snobisme. Eerder werd al het voorbeeld van de "Appellation Contrôlée" aangehaald, maar er is meer. Waar bijvoorbeeld bier gebrouwen wordt in een brouwerij, en melk voor verkoop geschikt gemaakt wordt in een melkerij, zal men geen enkele wijnmaker het horen hebben over een "wijnerij" of een "gisterij". Nee, wijn wordt gemaakt in een "Château". De gemiddelde Franskundige stelt zich daar begrijpelijkerwijze een kasteel bij voor, maar dat hoeft lang niet zo te zijn. Het eerste het bestje krotje kan aldus "Château" (let op de hoofdletter!) genoemd worden indien er wijn gemaakt wordt. De combinatie van geur en smaak die eigen is aan een wijn wordt niet "aroma" genoemd, hoewel dat toch al een fraai woord is, maar "bouquet"[2]. Pogingen om deze praktijken te desnobiliseren monden steevast uit op flauwe copieën van deze terminologie, en hebben vooral als resultaat dat dergelijke wijnen gewoon minder goed verkopen. Want in elke wijnkoper, hoe bescheiden en proletarisch ook, schuilt een snob. Anderzijds zijn er aspecten uit de wijnwereld waarmee wijnkenners niet te koop lopen. Zo hoor je een Nederlandse wijnkenner nooit de wetenschappelijke term voor zijn bezigheid bezigen, omdat de uitdrukking "oenoloog" eerder laat vermoeden dat hij in een psychiatrische inrichting tewerkgesteld staat.

Aan de slag[bewerken]

Om van grondstoffen wijn te maken, dienen deze eerst te gisten, om aldus in een alcoholhoudende vloeistof te veranderen. De voor wijn gebruikte materialen gisten doorgaans niet spontaan: een dergelijke handelswijze zou vooral van het gisten tot rode wijn een moeizaam proces maken. Daarom wordt alles eerst netjes gemalen en geperst tot men het basissap overhoudt, door kenners ook wel eens "most" genoemd[3]. Hoe compacter de grondstof, hoe moeilijker het malen en persen, hoe duurder de most, en hoe duurder de wijn. Wijn wordt gemaakt in drie basiskleuren, die bepaald worden door de gebruikte grondstoffen, en het is overal, behalve in landen waarvan meer dan 50% van de bevolking uit analfabeten bestaat, en wetten hoegenaamd geen uitwerking hebben, wettelijk verboden om andere grondstoffen te gebruiken, maar het mengen van deze basisstoffen, en het kweken van varianten, is daarentegen weer wél toegestaan.

Witte wijn[bewerken]

Het maken van aardappelmost in een klein, artisanaal Château.

Witte wijn, waarvan de kleur eigenlijk schommelt tussen totaal kleurloos en bleekgeel met een roze schijn, wordt uitsluitend gemaakt van aardappelen. Erg populair zijn de variëteiten "Riesling" en "Muskaat". Niet alle aardappelrassen zijn geschikt voor het maken van wijn [4]: experimenten met "Bintje" en "Idaho Potato" leverden troebele, weeë brouwsels op, die men aan de straatstenen niet kwijt kon. Deze wijn is veruit de goedkoopste, en wordt vooral tijdens de zomer, sterk gekoeld op een zonnig terrasje genuttigd. De sterke koeling voorkomt ook dat de drinker merkt dat dit vocht eigenlijk weinig smaak heeft.

Roze wijn[5][bewerken]

Hoewel ze momenteel nog door traditionele wijnmakers wordt geweerd, laat deze hybride druif toe om roze wijn te maken met één variëteit in plaats van het verplichte duo.

Voor de productie van roze wijn, waarvan de kleur kan en mag variëren van bleekroze met een gele schijn tot dieproze met donkerrode schaduwen, wordt exclusief gebruik gemaakt van witte en rode druiven[6]. Beide moeten gebruikt worden, en er moet minstens één druif per soort aanwezig zijn. Veel gebruikte druivenrassen zijn "Tempranillo" en"Garnacha", beide afkomstig uit Spanje, waar ze uitsluitend voor de export gekweekt worden. Ter plaatse zijn ze weinig populair, omdat men er vindt dat roze wijn voor mietjes is. Relatief weinig druiven laten zich in drinkbare wijn omzetten: berucht is het matige succes van rosé op basis van de voor gewone consumptie anders zo populaire druivenrassen "Gelderse Slenk" en "Beierse Kropper".

Rode wijn[bewerken]

Een Chinese mijnwerker probeert thuis zélf steenkolenmost te maken, om zo een centje bij te verdienen.

De zeldzaamste en dus ook duurste wijn, is de rode, wiens kleurschakeringen uitwaaieren van lichtrood met donkerroze schaduwen tot zwart met een rode schijn. De zeldzaamheid wordt verklaard door het gebruik van een steeds zeldzamer wordende en almaar moeilijker te ontginnen grondstof: steenkolen. Vooral kolen van de soort "Kabelnet-Sauvignon", die nog uitsluitend in China, en ten koste van duizenden mensenlevens op jaarbasis, gedolven worden, zijn erg gewild, omwille van de mooie dieprode, bijna zwarte kleur die ze aan de wijn geven. De "Pinot Noir" is iets goedkoper, omdat deze in Zuid-Afrika gewonnen wordt, waar de lonen extreem laag zijn, omdat de arbeiders er uitsluitend "in 't zwart" werken. Ook bij deze wijn geldt weer dat niet elke steenkool een wijnkool is: wie ooit de kans had om wijn van "Demi-Gras du Borinage" of "Limburgse Antraciet" te proeven, en het nog kan navertellen, weet daarvan mee te spreken! Meer en meer Chinese mijnwerkers leggen zich in hun vrije tijd toe op het zelf transformeren van de ruwe steenkolen in most, in de hoop zo hun magere loon wat aan te dikken. Deze illegale most wordt dan doorverkocht aan weinig scrupuleuze wijnmakers, die aldus de reglementering omtrent de zo gekoesterde "Appellation Contrôlée" geweld aandoen.

Nat of droog[bewerken]

Hoewel de doorsnee burger het normaal vindt dat een vloeistof nat is, weet de échte wijnliefhebber dat hij zijn favoriete drank ook in droge vorm kan krijgen. Droge wijn bewaart veel langer dan natte, en neemt ook minder plaats in. Het was Pater Dom Chambertin de Pérignon A.C. die in 1915 op het idee kwam om wijn in te vriezen, en de ijskristallen vervolgens in zeer droge lucht te laten sublimeren[7]. Om de droge wijn weer om te zetten in natte wijn, volstaat het om water en alcohol toe te voegen in de op het pakje aangegeven hoeveelheden. Alleen échte wijnkenners kunnen een correct gereconstrueerde droge wijn van een natte onderscheiden.

Plat of bruisend[bewerken]

Net zoals het alombekende water, kan wijn zowel plat als bruisend geleverd worden. De versie met bubbels[8] wordt algemeen als een luxeversie beschouwd, die vooral door snobs in spe gesmaakt wordt, en dan ook gemiddeld 20 tot 50% duurder is. Retro-mousseren, het bruisend maken van een plat gebottelde[9] wijn, wordt zelden toegepast, omdat het procedé omslachtig en dus uiteindelijk te duur is voor een snob in spe. Het principe wordt voornamelijk omstreeks Kerstmis en Nieuwjaar, en in periodes van vallende dictaturen toegepast, omdat men dan steevast een nijpend tekort heeft aan bubbelwijn. De bruisende wijnen zijn van de platte te onderscheiden door een afwijkend flesmodel met instulping voor de duim onderaan[10], en de toevoeging op het etiket van een bubbelachtig woord zoals "Champagne", "Cava" of "Blanquette".

Vervalsingen[bewerken]

Het spreekt vanzelf dat er in deze voedingsbranche duchtig vervalst wordt. De oudste melding van een grootschalige poging tot vervalsing dateert uit de eerste helft van de eerste eeuw van onze jaartelling, toen in Palestina een obscure "profeet" tijdens een huwelijksfeest een voorraad drinkwater zodanig bewerkte dat de genodigden van mening waren dat ze witte wijn aan het drinken waren, en bovendien nog dachten dat het een mirakel was. Toen dezelfde creatieveling iets later een poging ondernam om bloed voor rode wijn te laten doorgaan, greep de Palestijnse voedingsinspectie in, en de man werd gekruisigd. Sindsdien zijn wereldwijd de strafmaatregelen van voedingsinspectiediensten gevoelig milder geworden.

INTERMEZZO: WIJNPROEVEN
Omdat de lezende mens een zeldzame diersoort is
waarop we zuinig dienen te zijn,
wordt hier een filosofisch getinte pauze ingelast.

Sommige wijn wordt gezopen, andere wordt geproefd. Het subtiele verschil zit 'm voornamelijk in de prijs, en wel op twee manieren:

  1. Idyllisch: dure wijn is goede wijn, en omgekeerd, dus die slik je niet zomaar binnen: je geniet van elke aspect, alvorens hem uit te spuwen. Jawel: de smaak van de ene dure wijn mag niet in de weg zitten van die van de volgende. Klasse.
  2. Sociaal: dure wijn schenken bewijst dat je er warmpjes inzit[11], hem na het proeven uitspuwen geeft aan dat je je één en ander kan permitteren. Dit effect kan versterkt worden door Havana-sigaren met briefjes van honderd euro aan te steken. Na het proeven, welteverstaan, want er zijn grenzen.

Schrandere vorsers zullen opmerken dat er tussen het wijnmaken en het wijnproeven nog een etappe ontbreekt: die van de opslag. De volgende paragraaf zal in deze lacune voorzien.

Omdat de filosoferende mens een even zeldzame diersoort is
waarop we even zuinig dienen te zijn,
werd deze filosofisch getinte pauze kort gehouden.
VOORUIT MET DE GEIT


Recipiënten[bewerken]

Aangezien wijn tot de orde der vloeistoffen wordt gerekend, kan men hem niet eender hoe opslaan, bewaren en vervoeren. Dit gebeurt door middel van waterdichte opslagmiddelen[12], waarvan de voornaamste het vat, de amfoor, de fles en de wijnzak zijn. De menselijke maag wordt niet meegeteld: hoewel de transportmogelijkheden van de maag niet ontkend worden, en er relatief veel wijn aldus vervoerd wordt, staan waterdichtheid en bewaarcapaciteit toch in vraag. Vooral de overvloedige aanwezigheid van maagzuur heeft een nadelig effect op de kwaliteit, en uiteindelijk ook op de opslag van de wijn: in minder dan vier uur is er van de drank geen spoor meer.

Dit eminente Bacchusgezelschap demonstreert de meest gangbare manieren om wijn op te slaan en te vervoeren: het vat(1), de amfoor(2), de fles(3), de wijnzak(4), en, ach waarom ook niet, de maag(0).

Vat[bewerken]

De meest indrukwekkende wijnhuisvesting is het vat, een cilinderachtige constructie die niet door één persoon te tillen is, zelfs niet leeg[13]. Het vat wijkt af van de zuivere cilinder door het vertonen van een zekere buikigheid, een ontwerpvondst die verwijst naar de buik van ervaren drinkers. In deze vaten, die van eikenhout zijn wanneer het om dure proefwijn gaat, en van recyclageplastic wanneer het om goedkoop zuipvocht gaat, wordt de wijn na het gisten verondersteld te rijpen, met een duur die ook weer parallel loopt met de prijzigheid. De wijnwereld is een logisch biotoop. Wanneer de wijnmaker oordeelt dat de wijn voldoende gerijpt heeft, kan hij overgeheveld worden naar een ander, minder omvangrijk recipiënt.

Amfoor[bewerken]

Historisch gevoeligen hebben een grote nostalgie naar de tijd toen de mens nog niet wist dat wijn bijzonder genoeg kon zijn om er het glasblazen, het drinkglas en uiteindelijk de fles voor uit te vinden, en men zijn toevlucht nam tot een recipiënt in gebakken aarde: de amfoor. Breekbaar wegens gemaakt van aardewerk, en onstabiel wegens onderaan uitlopend op een punt: een onpraktisch ding. De niet-historisch gevoeligen voelen dit haarfijn aan en gebruiken de amfoor alleen maar om een tuinvijver mee aan te kleden.

Fles[bewerken]

De grote doorbraak in de evolutie van de wijndrinkende mensheid: een stof die waterdicht is, die in diverse vormen kan gekneed gesmeed gegoten geblazen worden, en die bovendien nog laat zien wat erin zit (of op z'n minst hoeveel er nog inzit)... glas. Na eeuwen van drinken uit wijnamforen, braken eeuwen van drinken uit wijnglazen aan, waarna voor de komende eeuwen de amforen vervangen werden door wijnflessen, tot men uiteindelijk doorkreeg dat er van glas ook ramen konden gemaakt worden. Met de fles nam ook het etiket eindelijk een hoge vlucht, een toepassing die maar niet had willen bevestigd blijven op het grovere aardewerk. De invloed van het wijnetiket op de ontwikkeling van het schrift in het algemeen, en de boekdrukkunst in het bijzonder, mag niet onderschat worden. Geen enkele wijnkenner doet dat trouwens, en bewaart trouw de etiketten van alle flessen wier inhoud hij heeft mogen nuttigen. Deelt hij een fles met anderen, dan wordt het etiket dusdanig verknipt dat elke drinker voor de rest zijner dagen eer kan blijven bewijzen aan die ene fles. Deze rituelen zijn zeldzamer bij de drinkers van goedkoop gerief.

Wijnzak[bewerken]

Oorspronkelijk was "Wijnzak!" een volkse scheldnaam voor iemand die zowel boers als regelmatig dronken was. Uiteindelijk kwam zo'n dronken landbouwer[14] op het idee om het scheldwoord letterlijk te nemen: hij slachtte een geit, maakte ze leeg, en vulde ze bij de dichtstbijzijnde wijnmaker weer met wijn recht van het vat. Geen dure (en toch breekbare) flessen meer nodig tijdens het zware veldwerk: vooruit met de geit! Zijn afstammelingen, die, in tegenstelling tot de pientere boer, een afkeer hadden van oraal contact met een dode geit, ontwikkelden binnen de eeuw een speciale drinktechniek, waarbij de wijnzak op een armlengte van de mond gehouden wordt, en die nog altijd te bewonderen is in rurale delen van de Middellandse Zee.

Drinken met maten[bewerken]

De meeste wijnproducenten verkopen hun wijn per liter, maar er zijn pittoreske uitzonderingen: in Griekenland wordt wijn per kilo verkocht, in Ethiopië per lopende meter, en in Canada per stère. In Amerika en Engeland is de gallon de maateenheid, en omdat een gallon overeenkomt met zo'n (zeer) slordige vier liter, zouden Engelsen en Amerikanen dus veel sneller zat dan Europeanen, die zich aan driekwartliterflessen houden... ware het niet dat de Engelse en Amerikaanse wijnen zo bedroevend laag van kwaliteit zijn, dat ze voornamelijk als autobrandstof gebruikt worden[15].

Wijn, spiritualiteit en verleiding[bewerken]

Hier wordt de oude regel van Augustinus nog nauwlettend gevolgd.

In Europa wordt het maken van wijn in grote mate verbonden met het kloosterleven. Grote stappen in de wijntechnologie werden gezet door kloosterlingen, en dat is geen toeval.

Drankduivel[bewerken]

Om monniken te behoeden voor de verleidingen die deze drank inhield, werd in de kloosterregel van Sint-Augustinus de bepaling opgenomen dat de monniken moesten worden blootgesteld aan wijn in alle fases van de totstandkoming, aldus hun weerstand tegen de verleiding opbouwend. Zij werden ingeschakeld in het wijnmaakproces, en verkochten de opbrengst ervan. In elk klooster bleken zich monniken met aanleg voor wijnmaken te bevinden, en de procedés werden continu verfijnd. In de Cognac-streek vond een dergelijke monnik een manier om minder geslaagde wijn te distilleren tot een aangename drank met een hoog alcoholgehalte, en om ervan te mogen proeven liet de abt de verschillende aldus ontwikkelde variëteiten van het straffe vocht definiëren als "Spiritualiën" oftewel "Geestrijke Dranken". Op een ander spiritueel vlak echter kon het succes van deze bepaling nooit bevredigend gemeten worden, aangezien de monniken er zonder uitzondering laaiend over waren, wat de nuchtere Augustinus achterdochtig maakte.

De tucht opgevoerd[bewerken]

Ten einde de drempel voor de monniken hoger te leggen, voegde Augustinus aan de bepaling een clausule toe, waarin bepaald werd dat monniken niet zélf de druiven met hun voeten mochten pletten, maar dit moesten overlaten aan schaars geklede jongedames, aldus een tweede verleiding bestrijdend. Nu waren de monniken helemáál in hogere sferen, en de kloosterbevolkingen groeiden als kool. Op zijn sterfbed schafte Augustinus bepaling en clausule af, maar tot op heden zijn er, in afgelegen streken, nog altijd kloosters waarin ze trouw toegepast worden, tot grote voldoening van de uitgenodigde ingewijden. Bij zo'n gelegenheid wordt ook altijd een klein gedeelte van de aldus verkregen most bij opbod verkocht, weliswaar nadat de jongedames er even in zijn gaan zitten[16]. De overtuiging dat dit drankje de vruchtbaarheid bevordert, wordt door de meeste wijnkenners als bijgeloof beschouwd.

DionisosAni.GIF
Ssslurp.JPG
Zonder drank geen klank!

Alcohol · Appelsap · Bier · Coca-Cola · Dr Pepper · Cocktail · Energiedrank · Jägermeister · Melk · Mountain Dew · Water · Whisky · Wijn


Piepersterkomkom.png
Gloria in exelsis Sophia!
Ingelijste versie:
29 juli 2010
Dit sublieme artikel is de glorieuze overwinnaar van een Komkommer en geldt daarmee als voorbeeld voor eenieder die perfectie nastreeft! Het artikel is daarom ingelijst op de Hoofdpagina en in de Lijst der Giganten.


Notenbalk[bewerken]

  1. Zo genoemd omdat in die periode in Frankrijk beroemde uitvinders werden geboren als Marcel Néon, Jules Halogène en Hubert Lampo.
  2. Het is wijnliefhebbers al eerder opgevallen dat Château's er meestal ook een uitgebreide verzameling paarden op nahouden. Dat is een nevenverschijnsel van het door wijn aangewakkerd snobisme: als enig dier (behalve de mens) heeft een paard benen in plaats van poten, en een hoofd waar eigenlijk een kop hoort te zitten.
  3. Niet-kenners spreken van "fruitsap" (Vlaanderen) of "sjuderansje" (Nederland).
  4. Of, zoals de snobs dat noemen, "vinificatie".
  5. "Rosé", zegt de gemiddelde snob. Diezelfde gemiddelde snob is het er dan weer niet over eens dat er zoiets als een "gemiddelde snob" bestaat.
  6. De eeuwen aanslepende controverse omtrent het al dan niet toelaten van blauwe druiven danken wij aan de onoplettendheid van oppervlakkige waterdrinkers, die nooit verder dan de schil van een blauwe druif gekeken hebben, en niet weten dat, eenmaal de drempel der schil overschreden, er eigenlijk geen onderscheid meer is tussen een rode en een blauwe druif. Sterker nog: de meeste kwekers beschouwen beide als synoniemen. Van elkaar, welteverstaan.
  7. Deze techniek werd vanaf 1935, na het vervallen van Chambertins octrooi, ook op andere substanties toegepast, zoals moedermelk, roomijs, soep en koffie.
  8. Snobs verkiezen de uitdrukking "mousserend".
  9. Dit woord wordt sinds 1993 niet meer als snobistisch beschouwd.
  10. Het vasthouden, tijdens het inschenken, van de fles onderaan, met de duim in de instulping en vier vingers tegen de fles aan, is even opvallend als oncomfortabel. Deze combinatie is kenmerkend voor de meeste door snobisme geïnspireerde gewoontes.
  11. "Tenzij je een ober bent!", zou een snob hierop antwoorden.
  12. Behalve voor de bijzonder stroperige Madeira, die in plakken gesneden wordt, en waarvoor een eenvoudige papieren wikkel volstaat.
  13. Is dat wél het geval, dan spreekt men van een "vaatje", maar zulks is enkel goed om een smakeloos interieur wat op te peppen, samen met nepzolderingbalken en blote bakstenen.
  14. Zijn aangeschoten toestand maakte tevens dat hij zich niet alleen de dag van de uitvinding niet kon herinneren, maar evenmin de maand of zelfs het jaar. Wél wordt aangenomen dat het ergens in de XIVde eeuw moet geweest zijn, kort vóór de Guldensporenslag. Dit geeft historici een aanvaardbare marge van drie jaar, en daar zijn ze blij mee.
  15. Deze toepassing levert hen dan tenminste toch de onderscheiding "biobrandstofpioniers" op, zodat al het werk niet verloren is.
  16. De lijst van deze kloosters kunt u HIER vinden, maar vertel het niet verder.