Zwitserse Garde

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken
ZwitGardWapen.GIF

Uw vijand is machtig, uw beurs is goed vol?
De Zwitserse Garde bestrijdt en heft tol!

~ Een wervende slogan der Zwitserse Garde.

De Zwitserse Garde is een privémilitie, in stand gehouden door de gezamenlijke Zwitserse banken. Zij onderscheiden zich door hun uitzonderlijke combinatie van geruisloze (moderne) efficiëntie en opvallende (ouderwetse) klederdracht. Hun meest gebruikte tactiek bestaat nog steeds in het zich presenteren als een onschuldige folklorebeweging, gevolgd door het zich ontpoppen tot een genadeloze huurlingenformatie. Tenminste, zolang ze betaald worden!

Ontstaan[bewerken]

De Zwitserse Garde op manoeuvre (boven) en op de borrel (onder).

In 1296 nam de Lombardische bankiersfamilie Lombard Odier het initiatief om het bankwezen in het prille Zwitserland te beschermen door middel van een privé-militie. Gezien het belang dat het bankwezen toen al voor Zwitserland had, werd deze militie de "Zwitserse Garde" genoemd, ook al had de Zwitserse regering er niets over te zeggen. Ook heden ten dage heeft het Zwitserse Ministerie van Landsverdediging geen inspraak in de beleidsvorming van de Zwitserse Garde.

Benaming[bewerken]

Officieel heet deze militie "Zwitserse Garde", maar de term "Zwitserse Wacht" wordt ook goedgekeurd. De militieleden zelf worden officieel met "Zwitserse Gardist" aangeduid, al wordt de uit het Frans overgenomen uitdrukking "Suisse" (uit te spreken als "swis") ook gedoogd. De naam "petit-suisse" wordt daarentegen als een belediging beschouwd, te meer daar het hier over een Franse kaas gaat.

Oorspronkelijke missie[bewerken]

De Oorspronkelijke Missie of "O.M." van de Zwitserse Garde is het bewaken en beschermen van de Zwitserse banken in het algemeen, en het Zwitsers bankgeheim in het bijzonder. Omdat, volgens een oud Zwitsers gezegde, "elcken Zwitschersen franc enen Zwitschersen franc es", werden de Gardisten al spoedig als huurlingen uitbesteed aan goedbetalende vorsten. Deze uitbesteding bracht veel geld in het laatje, aldus de macht der Zwitserse banken uitbreidende, en de Garde erbij. Ook nu nog wordt de betaling van deze soldeniers aan Lombard Odier verricht, de historische stichtster van de Garde. Deze bank betaalt dan op haar beurt de miliciens uit, zonder wat dan ook voor te schieten: wanneer de opdrachtgever niet betaalt, betaalt de bank evenmin een voorschot aan de Gardisten, die dan meteen hun activiteit staken en huiswaarts keren.

Willem Tell[bewerken]

De eerste commandant van deze bank militie heette Willem Tell, een jongeman wiens familienaam een carrière in het bankwezen erg voorspelbaar maakte. Hij oefende zijn ambt zó voorbeeldig uit, dat er diverse legendes rond zijn persoon ontstonden. Vooral zijn vaardigheid met de kruisboog en zijn passie voor de onafhankelijkheid van zijn land[1] waren legendarisch.

Spreiding[bewerken]

Het Zesde Regiment Zwitserse Garde Op Stelten (boven) en het Achtste Regiment Zwitserse Garde Op Ski's (onder).

De Zwitserse Garde is de enige militie die huurlingen kan uitzenden zonder daar diplomatieke problemen mee te creëren. Momenteel is het Vaticaan de grootste afnemer van deze diensten, maar de garde kan men wereldwijd tegenkomen. Zolang ze hun soldij krijgen, zijn deze soldaten al sinds de Middeleeuwen de meest gevreesde vechters. Het doel waarvoor gevochten wordt interesseert hen niet, enkel hun soldij. Geïnteresseerden opgelet: één dag vertraging in de uitbetaling (die op wekelijkse basis gebeurt), en het regiment in kwestie poetst de plaat!

Diversiteit[bewerken]

De Zwitserse Garde is bijzonder flexibel: niet alleen beschikken ze (onder andere) over regimenten te voet, per fiets, op stelten en op ski's, bovendien zijn sommige regimenten, zoals het laatst genoemde, al sinds 1926 toegankelijk voor vrouwen, 45 jaar vóór ze in Zwitserland kiesrecht kregen! Vooral het Achtste Regiment Zwitserse Garde Op Ski's is wereldwijd geducht: zonder hun deelname aan de Slag om Berlijn (april-mei 1945) zou deze nog minstens een half jaar langer hebben geduurd[2]. De Zwitserse regering weerlegt overigens nog steeds formeel de gruweldaden die deze dames zouden hebben gepleegd op de restanten van het Duitse leger.

Bewapening[bewerken]

De standaardbewapening van de Zwitserse Garde gesloten (boven) en geopend (onder).

Op de als hellebaardier in het Vaticaan tewerkgestelden na, zijn Zwitserse Gardisten ogenschijnlijk ongewapend. Dit is maar schijn: zij beschikken over een discreet weggemoffeld maar o zo veelzijdig en te duchten wapen: het Zwitsers zakmes. Niet de speeltjes die men overal in winkels aantreft, maar een terdege overdacht samengesteld wapen waarin minstens vijftien eeuwen Zwitsers vernuft zit opgeslagen. Van kurkentrekker tot bazooka: het zit er allemaal in, de munitie ook, en zonder de plooien van de uniformbroek te verstoren! Wie dit wapen in gebruik wil zien kan niet terecht op de dagelijkse exercitie van de Garde, want daar worden geen pottenkijkers toegelaten, maar kan best eens proberen een Zwitserse Gardist aan te vallen (of hem "petit-suisse" te noemen): het resultaat belooft weergaloos te zijn.

Uniform[bewerken]

Het uniform van de Zwitserse garde werd definitief gedefinieerd in 1566, en enkel enige subtiele nuances in het kleurenschema kunnen de kenner wegwijs maken in de taak en de locatie van een specifiek regiment. Gardisten zijn doorgaans niet welkom bij operaties waar camouflage van belang is: een soldaat in XVIde-eeuwse uitrusting valt op in een doorsnee XXIste-eeuws oorlogsgebied. Op terreinen waar een dergelijk uniform niet opvalt daarentegen, zijn zij onklopbaar. In twijfelsituaties passen zij hun befaamde "gedraag-je-als-een-folkloregroep-en-sla-dan-toe" tactiek toe.


Notenbalk[bewerken]

  1. Onafhankelijkheid van het buitenland, niet van het bankwezen.
  2. Het was bovendien een Gardiste die als eerste, op 30 april 1945 om twintig vóór elf 's avonds, een grote rode lap textiel liet wapperen vanaf de Reichstag. Dit was niet naar de zin van Stalin, die beval om de stunt 's anderendaags nog eens over te doen, bij daglicht, met Sovjetsoldaten, en een fotograaf erbij. De Gardiste werd niet uitgenodigd voor de foto, onder het voorwendsel dat er op haar "rode vlag" ook een groot wit kruis zou hebben gestaan.